Inloggen
Login met InkopersCafé account Account aanmaken

Premium logo's

Premium logo's

Premium partners

Sidebar premium

Sidebar premium

Gold partners

Sidebar gold

Sidebar gold

Silver partners

Sidebar silver

Sidebar silver
13
08
Theo van der Linden
1 Star2 Stars3 Stars4 Stars5 Stars
Door Theo van der Linden
Categorie: Column
Soort:

Inschrijvingen ICT-aanbesteding beoordeeld door bode, koffiejuffrouw en conciërge

Inschrijvingen ICT-aanbesteding beoordeeld door bode, koffiejuffrouw en conciërge

In maar liefst drie aangespannen kort gedingen heeft de rechtbank Midden-Nederland de in mijn opinie meest onwenselijke uitspraak gedaan die mogelijk is. Het betrof de deskundigheid van de beoordelingscommissie en de rechter vond dat die voor deze aanbesteding onvoldoende was, en dat daarom de beoordeling opnieuw moest.

Waar ging het om? Stichting Nidos is vanaf 1 januari 2016 verantwoordelijk voor de kleinschalige opvang van alleenstaande minderjarige vreemdelingen (vluchtelingen) van 15 tot 18 jaar met een status. Nidos heeft hiervoor met zestien opdrachtnemers een overeenkomst gesloten. Nidos heeft besloten om het aantal opdrachtnemers terug te brengen tot zes, of hoogstens acht, en heeft daarvoor een openbare aanbestedingsprocedure georganiseerd.

Aan deze aanbestedingsprocedure hebben vijftien van de zestien huidige opdrachtnemers meegedaan, onder wie Spirit, Xonar en Jade (de eisers in de zaken). Zij vielen buiten de boot en betoogden dat de beoordelingscommissie niet deskundig was geweest. De rechter was hier gevoelig voor:

“Leden van een beoordelingscommissie worden verondersteld deskundig te zijn. Maar een directeur financiën en een adviseur met betrekking tot methodiekontwikkeling zijn niet op het eerst gezicht door hun functie deskundig op het gebied waarop de aanbestedingsprocedure ziet, namelijk de opvang van alleenstaande minderjarige vreemdelingen, ook omdat de prijs al door Nidos vooraf was gefixeerd en het dus alleen om de kwaliteit van de opvang ging.”

En:

“Dat deze personen (de financieel directeur en extern adviseur), zoals Nidos aanvoert, zeer betrokken bij deze opvang zijn, wil nog niet zeggen dat zij daarmee deskundig zijn om de inschrijvingen in deze aanbestedingsprocedure te beoordelen. Méér heeft Nidos niet toegelicht over de deskundigheid. Dat is te weinig.”
“De conclusie is dat alle inschrijvingen helemaal moeten worden herbeoordeeld door een nieuw samen te stellen deskundigencommissie.”

Het klinkt in eerste instantie inderdaad redelijk om te zeggen dat een directeur financiën niets weet van de opvang van alleenstaande minderjarige vreemdelingen, en wellicht is het in dit geval ook zo, maar een rechter moet hier afblijven. Wie is over dit onderwerp wel deskundig? Wat moet je daarvoor gestudeerd hebben? De deskundigheid van een beoordelingscommissie is per definitie aan discussie onderhevig.

Bij sommige aanbestedingen kun je de kwaliteit van een beoordelaar koppelen aan een opleiding en ervaring. Ik kan me indenken dat een ingenieur geschikter is voor de beoordeling van een plan voor de renovatie van een brug dan een socioloog. Toch moet de rechter ook daar van afblijven. Je mag aannemen dat aanbestedende diensten mensen in de beoordelingscommissie benoemen waarvan zij denken dat ze de kwaliteit van de inschrijvingen kunnen beoordelen. Dat zal de ene keer beter gaan dan de andere. Ik denk niet dat er gemeenten zijn die de inschrijvingen voor het nieuwe ICT-systeem laten beoordelen door de bode, de koffiejuffrouw en de conciërge.

Door deze uitspraak kan iedere inschrijver nu de deskundigheid van de beoordelaars ter discussie stellen, waarbij ik niet uitsluit dat gesteld zal worden dat de kwaliteit van de beoordelaars pas echt beoordeeld kan worden als je de namen kent. Dat is dan weer lastig door een andere uitspraak waarin staat dat de namen van de beoordelaars niet voor, tijdens of na de aanbesteding bekend gemaakt hoeven te worden. En hoever moet de aanbestedende dienst gaan om de deskundigheid aan te tonen? De ene universiteit is de andere niet en ervaring is vaak onvergelijkbaar.

Ik zie het al voor me. Mr. Robbe betoogt met vuur dat de beoordelaar weliswaar een studie informatica heeft afgerond, maar dat dat inmiddels tien jaar geleden is, en dat hij volgens zijn linkedin-profiel de laatste zes jaar niets meer met ICT te maken heeft gehad. Hoe kan zo iemand nog deskundig zijn? En bij die mevrouw die bij een schoonmaakinschrijving de kwaliteit van het plan van aanpak moet beoordelen, is het thuis ook altijd een viezig rommeltje. (“graag laat ik u even deze door haar zelf geplaatste foto’s op facebook zien”)

Het enige dat de rechter moet toetsen is of iedereen gelijk behandeld wordt. Het ter discussie stellen van de deskundigheid van beoordelingscommissies is een heilloze weg en gaat leiden tot een stroom van vragen, discussies en rechtszaken. 

Theo van der Linden
Door Theo van der Linden
Theo van der Linden is een van de meest gevraagde, zoniet de meest gevraagde, spreker over Europees aanbesteden in Nederland. De afgelopen jaren gaf hij meer dan 1000 trainingen, voordrachten en lezingen over aanbesteden bij zowel aanbestedende diensten als bedrijven. Hij is de samensteller van de bundel 'Aanbestedingsjurisprudentie in de praktijk' waarin hij commentaar geeft op ca 300 rechtszaken. Meer informatie over hem en zijn bedrijf VdLC vindt u op www.aanbesteding.nl

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.