Magnifying glass Close

Adblocker is geactiveerd!

Op deze website worden advertenties getoond. Van de advertenties wordt de redactie betaald. De redactie verzorgt het nieuws op deze website. Zonder advertenties geen nieuws. Zou je je adblocker daarom willen uitschakelen

Partner van Aanbestedingscafé:

Column: Maatschappelijke waarde: nepnieuws!

Het beste boek dat ik de afgelopen tien jaar gelezen heb is The Game van Alessandro Baricco. Een van de beste verhalen erin is het volgende (in mijn woorden, Baricco schrijft veel mooier). Een Frans tijdschrift onthulde dat president Hollande een jonge minnares had. Zijn officiële partner, de journaliste Valerie Trierweiler verbrak de relatie en kondigde meteen aan dat ze een boekje open zou doen over haar leven met François Hollande. Iedereen wist dat het een boek vol vuile was zou worden.

Op de dag dat het boek verscheen, hing de eigenaar van een onafhankelijke boekwinkel in Lorient (Bretagne) een plakkaat in de etalage met als tekst ‘wij hebben het boek van Trierweiler niet…’ met een smiley erachter. Een voorbijganger maakte er een foto van en die ging viral. Andere boekhandelaren in Frankrijk volgden zijn voorbeeld en hingen affiches in de etalage: ‘wij zijn boekverkopers, we hebben elfduizend boeken en we hebben geen zin om de vuilnisbak van Trierweiler en Hollande te zijn.’ Zo werd het plakkaat in die etalage een symbool voor de strijd van het goede boek tegen de pulp.

Op een dag stuurde een regionaal dagblad een journalist naar Lorient om de boekhandelaar, die dit alles gestart was, te interviewen. En wat bleek? Hij had het plakkaat alleen maar opgehangen omdat hij het boek van Trierweiler nog niet had binnengekregen, en er de hele ochtend al mensen naar kwamen vragen. Zijn actie had dus helemaal niets te maken met een heilige oorlog om Balzac, Maupassant of Proust te verdedigen tegen de stroom pulp. Nepnieuws, maar wel nepnieuws met een boodschap die blijkbaar leefde.

Wij kennen in de aanbestedingswereld ook zo’n geval. In de aanbestedingswet (artikel 1.4 lid 2) staat: “De aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf draagt zorg voor het leveren van zo veel mogelijk maatschappelijke waarde voor de publieke middelen bij het aangaan van een schriftelijke overeenkomst als bedoeld in het eerste lid.”

Dat klonk natuurlijk geweldig: maatschappelijke waarde! Wat een mooie term en wat goed dat het kamerlid Koppejan dit begrip door middel van een amendement in de wet had laten opnemen. Al snel werd dit begrip een soort verzamelcontainer voor maatschappelijk verantwoord aanbesteden, duurzaamheid, social return etc. Er kwamen zelfs rechtszaken waarbij rechters moesten beslissen of inschrijving A of inschrijving B de meeste maatschappelijke waarde vertegenwoordigde.

Maar had Koppejan dit eigenlijk wel op het oog? Welnee, bij nadere bestudering van zijn amendement kunnen we het volgende lezen:
“Op dit moment ontbreekt het aan een duidelijk doel in de wet ten aanzien van het zoveel mogelijk maatschappelijke waarde creëren voor de uitgave van publieke middelen. Met ruim honderd miljard euro aan jaarlijkse uitgaven waarop de Aanbestedingswet van toepassing is, is er sprake van een groot maatschappelijk belang om deze publieke middelen zo goed mogelijk te besteden waardoor zo veel mogelijk maatschappelijke waarde wordt gecreëerd. Voorbeelden in andere landen laten zien dat hier met gericht overheidsbeleid op het gebied van aanbestedingen, belangrijke besparingen zijn te realiseren voor de overheid.”

Het ging hem dus om besparingen! MVO en duurzaamheid konden hem geen barst schelen. Wie daar nog over twijfelt kan ook de motie nog eens nalezen die Koppejan samen met het kamerlid Ziengs een dag voor het amendement indiende.

“overwegende:
– dat in andere landen substantiële besparingen (in Engeland bijna 4,5 mld. in negen maanden) bereikt worden met een gericht beleid ten aanzien van alle overheidsinkopen; – dat de beroepsvereniging van inkopers in Nederland (NEVI) volop kansen ziet om soortgelijke besparingen te realiseren voor de Nederlandse overheidsinkopen; van mening, dat ook voor Nederland dergelijke grote besparingen via een gecoördineerde en professionele benadering van alle inkopen in de publieke sector bereikt kunnen worden”

Het ging Koppejan dus puur om geld, maar blijkbaar was maatschappelijke waarde het goede begrip op het goede moment, en maakte het geen verschil dat het niet zo bedoeld was.

Ik vind dat discussies over duurzaamheid en maatschappelijke waarde gevoerd moeten worden op basis van feiten en niet op basis van gevoel en vage termen. Daarom ben ik ook zo blij met de manier waarop Fredo Schotanus de ontwikkelingen rond de coronacrisis probeert te gebruiken om te kijken hoe dat invloed kan hebben op de maatschappelijke impact van toekomstige aanbestedingen. Er zijn nu beleidsnota’s genoeg verschenen, laten we maar eens aan de slag gaan, zoeken naar realistische, haalbare en meetbare doelen. Als corona één ding duidelijk heeft gemaakt is het dat sommige zaken prima mogelijk zijn: minder vliegen, minder autorijden, meer thuiswerken, videoconferencing etc. etc., allemaal goed voor het milieu.

Alfred de Weert noemde ooit op een spreekbeurt automatenkoffie, waarbij de bonen per kopje koffie vers gemalen worden, ‘Hummer-koffie’. Hij rekende zijn publiek voor, wat het op jaarbasis aan uitstoot kostte om koffiebonen te vervoeren (i.p.v. het extract dat voorheen gebruikt werd), hoeveel kilometers de onderhoudsmonteurs extra aflegden om de automaten te onderhouden en wat de milieukosten waren om de overgebleven drab ook weer af te voeren en te hergebruiken. Als je dat naast elkaar zet dan kun je eigenlijk niet anders dan concluderen dat koffieautomaten waarin koffiebonen ter plekke gemalen worden het milieu enorm belasten.

Wat nodig is, is lef. Welke aanbestedende dienst schopt die bonenautomaten weer de deur uit? Koppejan heeft het dan misschien niet zo bedoeld, maar echte maatschappelijke waarde is wel een goed idee.

Partner van Aanbestedingscafé:

Duurzame inkoop overheid leidt tot licht dalende CO2-uitstoot

Uit de vandaag bekendgemaakte Jaarreportage Bedrijfsvoering Rijk blijkt dat de netto CO2-uitstoot van het Rijk in 2019 licht daalde in vergelijking met het jaar ervoor. De uitstoot daalde met 7,3 procent, van 271.000 naar 251.000 ton CO2.

Niet alle gestelde (klimaat)doelen worden al behaald, erkent staatssecretaris Knops van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Zo zou het percentage emissievrije voertuigen dit jaar al op twintig procent van het totale aantal moeten zitten. In januari 2020 was dit nog maar 3,1 procent.

Voorbeeldrol
In de begeleidende brief bij de rapportage schrijft hij: “Inkoop is een krachtig instrument om bij te dragen aan de maatschappelijke opgave, bijvoorbeeld het stimuleren van bedrijvigheid, werkgelegenheid en het tegelijk behalen van de Klimaatdoelen. En dat is hard nodig, want voor een aantal Klimaatdoelen weet het Rijk nog niet het goede voorbeeld te geven. Denk aan de aanschaf van emissievrije voertuigen, het nog meer verminderen van restafval en het terugdringen van vervoersbewegingen.”

Partner van Aanbestedingscafé:

Waterschappen zetten stappen richting duurzame inkoop en aanbestedingen

De Nederlandse waterschappen hebben vorig jaar nieuwe stappen gezet richting duurzamere inkoop en aanbesteden. Er is een gezamenlijke inkoopstrategie ontwikkeld en er is gebruik gemaakt van CO2-beprijzing. Dat blijkt uit het rapport ‘Op weg naar klimaatneutrale en circulaire waterschappen’.

In 2019 heeft de Unie van Waterschappen zich middels elf projecten beziggehouden met duurzaam inkopen en aanbesteden. Financiering voor deze projecten kwam rechtstreeks uit de Klimaatenvelop van het Rijk. Hiermee worden gemeenten en andere overheden gestimuleerd ervaring op te doen met klimaatneutraal en circulair inkopen. De projecten draaiden voornamelijk om bewustwording en toepassing van CO2-beprijzing.

Resultaten
In het eindrapport worden de resultaten van de projecten gegeven. Zo heeft een aantal waterschappen zich gecertificeerd voor de CO2-prestatieladder, zijn meer waterschappen gaan werken met de DuboCalc, een tool waarmee milieu-impact van een ontwerp op verschillende milieuthema’s bepaald kan worden, waaronder CO2. Daarnaast is er een gezamenlijke inkoopstrategie opgezet. Ook is er voor het eerst gewerkt met de door het RIVM ontwikkelde monitor voor MVI bij de waterschappen.

Het is de bedoeling dat de gebruikte tools de komende tijd worden uitgerold bij alle Nederlandse waterschappen.

Bron: Unie van Waterschappen

Partner van Aanbestedingscafé:

Europese Commissie wil dat overheden vaker duurzaam gaan aanbesteden

De Europese Commissie vindt dat overheden te weinig kiezen voor duurzame aanbestedingen en wil dat er vaker duurzame, sociale en innovatiegerichte overwegingen opgenomen worden in aanbestedingen. Een target voor ‘groene’ aanbestedingen ligt in het verschiet. Ook moeten er duidelijke richtlijnen komen op dit vlak, zodat ambtenaren voldoende rechtszekerheid krijgen bij het uitvragen van duurzame overheidsopdrachten.

‘Groen’ en duurzaam aanbesteden draagt bij aan het behalen van Europese en nationale klimaatdoelstellingen. De afdeling Economische Zaken, Waterschapsbeleid en Levenskwaliteit van de Europese Commissie wil daarom dat het aantal groene aanbestedingen omhooggaat.

Obstakels
De werkgroep herkent een aantal obstakels voor duurzaam aanbesteden. Zo zouden Europese aanbestedingsregels soms in strijd zijn met duurzame doelstellingen. Autoriteiten zien het gebruik van groene specificaties bijvoorbeeld als een juridisch risico in verband met discriminatie, corruptie, transparantie en begunstiging. Duurzame aanbestedingen zijn volgens de groep ingewikkelder en vereisen specifieke kennis. Ook ontbreekt het aan monitoring van de effecten van groen aanbesteden en wordt er onvoldoende rekening gehouden met negatieve milieukosten in begrotingen.

Aanbevelingen
Om het aantal groene aanbestedingen omhoog te krijgen doet de Europese Commissie een aantal aanbevelingen. Zo zou er een doelstelling voor het aantal groene aanbestedingen per overheid moeten komen. Dat werd al genoemd in het recent gepubliceerde Actieplan voor een Europese Circulaire Economie. Daarnaast moeten ambtenaren duidelijke instrumenten en richtlijnen krijgen voor het doen van groene aanbestedingen en moet er een Europees platform met inkoopnetwerk komen. 

De targets voor een aantal verplichte duurzame aanbestedingen moeten verder vorm krijgen in sectorspecifieke richtlijnen, zoals nu bijvoorbeeld al het geval is bij Europese richtlijnen voor schone voertuigen.

Partner van Aanbestedingscafé:

Overheden kopen vaker in op basis van MVI

Overheden kiezen vaker voor Maatschappelijk Verantwoord Inkopen (MVI). Dat blijkt uit een evaluatie van het MVI-beleid van de overheid over de periode 2015-2020. MVI komt vaker aan bod tijdens marktconsultaties en krijgt meer gewicht tijdens aanbestedingen. De evaluatie is uitgevoerd in opdracht van vijf ministeries en moet bijdragen aan besluitvorming over het vervolg van MVI-beleid.

Het Plan van Aanpak MVI moest destijds leiden tot handvatten voor duurzaam inkopen en aanbesteden, waarbij vaker gunningscriteria en dialoogfasen werden toegepast. Ook moesten bedrijven uit het mkb betere toegang krijgen tot overheidsopdrachten en moest er meer werkgelegenheid komen voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt.

In het rapport ‘Evaluatie Plan van Aanpak MVI 2015-2020’ stellen de onderzoekers dat er een toename van het gebruik van MVI-gunningscriteria in aanbestedingen te zien is. Daarnaast krijgt MVI een groter gewicht in de scoringsmethodiek en komt het onderwerp vaker aan bod tijdens marktconsultaties. Overheden kopen vaker in op basis van MVI. Wel geven de onderzoekers aan dat zij geen causaal verband tussen het Plan van Aanpak MVI en grotere aandacht voor MVI kunnen aantonen.

MVI komt het vaakst aan bod tijdens het formuleren van de minimumeisen, maar wordt nog weinig toegepast bij contractmanagement of tijdens de contractfase. Social return, circulair, mkb- en milieuvriendelijk inkopen zijn de meest gebruikte thema’s in MVI-beleid. Biobased inkopen is het minst populair.

Aanbevelingen
De evaluatie leidt ook tot aanbevelingen voor toekomstig beleid. Zo kan het effect van MVI flink toenemen als MVI minder vrijblijvend wordt bij decentrale overheden. Daarnaast moet MVI-beleid bij inkopende organisaties in de gehele organisatie ingebed worden. Projectleiders en managers moeten beter doordrongen zijn van het belang van MVI, zodat inkopers hier concreet vorm aan kunnen geven. Dit is in lijn met de signalen die decentrale overheden afgaven tijdens het onderzoek. Zij stellen behoefte te hebben aan een duidelijke structuur en richtlijnen. Daarnaast hebben kleine decentrale overheden behoefte aan meer capaciteit:

“Succesvol toepassen van MVI staat of valt met voldoende tijd en capaciteit. Uit de interviews blijkt dat bij (met name kleinere) decentrale overheden het vaak ontbreekt aan capaciteit. Er is behoefte aan meer inkoop-fte’s zodat bijvoorbeeld betere marktconsultaties kunnen worden gehouden, zodat functionele aanbestedingen kunnen plaatsvinden en zodat gecontroleerd kan worden of contracten worden nageleefd. Bovendien is de functie van ‘inkoper’ is de laatste jaren erg veranderd: van een bestelfunctie naar aanbesteden en beleid uitvoeren. Hierdoor zijn er meer en andere mensen nodig.”

Ten slotte concluderen de onderzoekers dat de kennis van marktpartijen essentieel is voor ambitieuzer en realistischer MIV-beleid. Eigenaarschap van het onderwerp MVI bij het Rijk en structurele financiering kunnen bovendien helpen MVI nog beter op de kaart te zetten.

Partner van Aanbestedingscafé:

Overheid maakt onderwerpen buyer groups bekend

De dertien onderwerpen voor de nog op te starten buyer groups zijn bekend gemaakt door de overheid. De overheid wil binnen alle groepen een gedeelde marktvisie en -strategie ontwikkelen om gezamenlijke inkoopkracht te vergroten.

Publieke opdrachtgevers zullen actief worden benaderd voor deelname aan de buyer groups. PIANOo Expertisecentrum Aanbesteden en Rijkswaterstaat leveren een secretaris die elke groep gaat begeleiden. De volgende thema’s zijn geselecteerd, op basis van impact, draagvlak en opschaalbaarheid:

• Polymeren bij afvalwaterzuiveringen;

• Circulaire nieuwbouw van scholen;

• Circulaire renovatie van woningcorporatie woningen;

• ICT hardware en datacenters;

• Circulair textiel;

• Circulaire bouwmaterialen;

• Houtbouw/houtrenovatie;

• Circulaire nieuwbouw woningen;

• Zero emissie bouwmaterieel;

• Mobiliteit;

• CO2-arm beton;

• Duurzame wegverharding en bebording.

De buyer groups zijn een vervolg op de Leernetwerken die PIANOo de afgelopen twee jaar organiseerde. Het is de bedoeling dat de marktvisie en – strategie door de deelnemende opdrachtgevers in de praktijk wordt gebracht bij toekomstige aanbestedingen. De buyer groups moeten in de zomer van 2020 van start gaan.

Bron: PIANOo.nl

Partner van Aanbestedingscafé:

De ingrediënten voor circulair aanbesteden: samenwerking, bewustwording en overtuigingskracht

Meestal bekijken we inkoop vanuit de kant van de inkoper of aanbestedende dienst, maar hoe vergaat het de verkopende partij als die een circulair product aan de man wil brengen? We vroegen het aan marktpartijen die een circulair product op de markt hebben gebracht of verkopen.

Je bent in gesprek met een gemeente die jouw circulaire kantoormeubilair wil afnemen. Maar de financiële systemen ondersteunen alleen een afschrijving op lineaire basis. En daarmee valt een veelbelovende circulaire aanbesteding in het water. Of een opdracht ketst af omdat het de inkopende organisatie te veel geld kostte na te gaan welke kostenbesparing circulair werken op zou leveren.

Het zijn twee opvallende obstakels die Douwe Jan Boersma als circulair ondernemer al tegen is gekomen. OPnieuw! voorziet overheidsinstanties en andere bedrijven onder andere van refurbished of remanufactured kantoormeubilair. Zo verwerkte OPNieuw! Afvalbakken van vliegmaatschappij Corendon tot nieuwe producten en zijn onderdelen van oude NS-sprinters gebruikt voor een meubellijn.

Samenwerken
Volgens Boersma moeten instanties veel meer dan bij de inkoop van lineaire producten, investeren in tijd, geld en samenwerking. Aan die investering ontbreekt het nog weleens. “Men denkt “we gaan even een stuk schrijven, we zetten er een paar juristen op, we huren een bureau in en daarmee hebben we de situatie wel onder controle, maar zo werkt het niet.” Edwin Loman, accountmanager bij Recell, beaamt dat samenwerking extra belangrijk is bij een circulaire aanpak. Dat begint voor hem al bij de productie. Recell maakt van gebruikt wc-papier uit rioolwater cellulose. Dat wordt bijvoorbeeld toegepast in asfalt, om ontmenging van het verse asfalt te voorkomen. “Wij kunnen alleen opschalen als er voldoende vraag is naar ons product, en als er voldoende reststromen beschikbaar zijn.” Partners uit de hele keten zijn nodig om van het product een succes te maken. “En dan moet je kijken hoe je daar samen een gesloten keten kunt maken, dat is natuurlijk het mooist”, zegt Loman.

Zowel Boersma als Loman zien dat de innovatiekracht veelal bij kleine bedrijven vandaan komt. Volgens Boersma zetten grote bedrijven zich graag als circulair en innovatief in de markt, maar hoeven de grootste innovaties daar niet vandaan te komen. Loman: “Ik denk dat de echt interessante innovaties voornamelijk bij kleinere start-ups ontstaan. Grote bedrijven doen wel aan ontwikkeling maar je ziet dat heel veel innovaties bij eenpitters of kleine bedrijven vandaan komen.”

Bewustwording en overtuigingskracht
De bewustwording van de circulaire economie, ondanks impulsen van de Nederlandse overheid en andere initiatieven, is volgens Boersma nog wel onder de maat. “Ik zeg niet dat grote bedrijven geen bewustwording hebben, maar er zijn heel veel overheidsinstellingen waar de bewustwording laag is.” Er is volgens hem vaak onduidelijkheid over de definitie van circulariteit. Veel mensen denken dat het hergebruik van materialen behelst, maar hij hanteert zelf een veel breder begrip. Het sociale aspect bijvoorbeeld, maar ook verder kijken dan alleen CO2-impact.

Bij de levering van FSC-hout aan overheidsprojecten merkt Ellard Schutte dat de wil er zeker is. Hij is, commercieel medewerker bij Wijma, leverancier van hardhout. Wijma zit regelmatig aan tafel bij aanbestedingen voor gww-projecten van Rijkswaterstaat. In zijn ervaring kiest de overheid nagenoeg altijd voor een duurzaam product, ook al is dat duurder dan niet gecertificeerd hout. “De Nederlandse overheid is daar heel erg streng in. Maar in het buitenland merk je dat dat minder leeft. In Nederland stimuleren ze juist een verantwoord, duurzaam product, waar in het buitenland de prijs vaker een argument is.”

Schutte merkt dat ‘circulair’ een steeds belangrijker thema wordt bij de verkoop van bouwmaterialen. De vraag neemt vooralsnog niet toe, maar er de concurrentie op de markt voor circulaire materialen groeit. Andere branches springen maar al te graag in op de circulaire trend. “Vroeger was er een beperkt aantal producten, maar op dit moment maakt composiet bijvoorbeeld echt een opmars. Producenten hameren graag op het circulaire aspect, terwijl het CO2– technisch helemaal niet zo milieuvriendelijk is.”

Die ontwikkeling leidt er ook toe dat er meer overtuigingskracht nodig is om producten aan de man te brengen bij een (circulaire) opdracht. “Wij merken vooral dat de overtuigingskracht voor je product groter moet zijn omdat de concurrentie groter is. En soms is het lastig om het prijsverschil uit te leggen tussen de duurzame keuze en de iets minder duurzame keuze.” Ook Loman merkt dat. “Mensen komen niet aanwaaien en zeggen, doe me maar wat. Er is wel interesse, maar het gaat niet over één nacht ijs.”

Is Nederland circulair in 2050?
Over de doelen van de Nederlandse overheid is hij ook stellig. In zijn ogen is het niet verstandig van nul naar honderd te willen gaan. “Stel gewoon doelen, realistisch.” Hij geeft nog een voorbeeld: “Een overheidsaanbesteding waar wij zijdelings bij betrokken waren is uitgegeven en toen weer teruggetrokken omdat die niet realistisch was. Daarin vroegen ze of wij konden herstofferen zonder nietjes. Dat is op zich geen probleem, dat is technisch mogelijk. Maar er wordt niets over het esthetische gedeelte gezegd. Want als je herstoffeert zonder nietjes kun je de stof lang niet zo straktrekken, dus heb je meer kans op plooien. Dus ik merk wel dat er veel theoretici aan het woord zijn die nooit bij ons zijn geweest om te kijken hoe het werkt in de praktijk.”

Boersma blijft ondanks de uitdagingen optimistisch: “Je moet een paar mensen hebben die zeggen: we willen dit gewoon. Er zijn mensen die heel graag willen, ook bij overheidsinstellingen. Die gaan er echt voor.”

Ook Loman denkt dat de gestelde doelen behoorlijk ambitieus zijn. Hóe die te behalen resultaten meetbaar gemaakt moeten worden, is de volgende vraag.

Partner van Aanbestedingscafé:

Als het aan de EU ligt: Circulair aanbesteden minder vrijblijvend

Niet alleen de Nederlandse overheid geeft impulsen om circulair inkopen en aanbesteden te stimuleren. Ook de EU zet stappen richting een circulaire economie. In 2015 presenteerde Europa al een eerste actieplan. Deze maand kondigde de EU een nieuw actieplan voor een Europese circulaire economie aan, met de titel “Voor een schoner en concurrerender Europa.”

In dit plan staan 35 aanvullende maatregelen om een Europese circulaire economie te bevorderen. Het meest opvallend? Circulair aanbesteden wordt minder vrijblijvend. De EU wil targets en rapportages introduceren om circulair inkopen verder te stimuleren.

Net als Nederland ziet ook de EU het belang in van circulariteit. In 2050 moet elke lidstaat klimaatneutraal zijn en moet de EU gezamenlijk komen tot een CO2-uitstoot van nul. De Europese Commissie kwam in 2015 al met een actieplan getiteld “Closing the loop – An EU action plan for the circular economy”. Hierin waren 54 maatregelen te vinden die een circulaire economie in de EU moesten bevorderen. Het ging onder andere over het tegengaan van het dumpen van plastic in zeeën, maar ook het aanpakken van onechte ‘groene’ claims en afvalmanagement. Het verbod op wegwerpplastic dat in 2021 ingaat is bijvoorbeeld een resultaat van het eerste actieplan.

Nieuwe maatregelen
Nu komt er een set nieuwe maatregelen bij in de vorm van een aanvullend actieplan. Jos Pees, adviseur Duurzaamheid bij Kenniscentrum Europa decentraal, vertelt dat circulariteit voor het eerst groot op de Europese agenda kwam met het vorige actieplan. “In het eerste plan uit 2015 lag de nadruk vooral op maatregelen die zich richtten op de laatste fase van een productcyclus, de afvalfase. Het nieuwe actieplan vormt de volgende stap, waarbij er meer aandacht is voor het proces hoger in de productieketen.” Ecodesign, noemt men dat. Pees: “Op het moment dat je afval hebt met veel vervuilende stoffen kun je dat niet handmatig inzamelen of hergebruiken.” Door vroeger in een productieketen te letten op het gebruik van grondstoffen met het oog op hergebruik, is het later eenvoudiger producten te recyclen.

“Daarnaast stond het voorgaande actieplan meer op zichzelf. Circulaire economie is een breed onderwerp en dit nieuwe actieplan wordt echt als een integraal deel van de Green Deal gepresenteerd. Het is één van de onderdelen om tot een klimaatneutraal beleid te komen”, zegt hij.

Voor een schoner en concurrerender Europa
In het nieuwe actieplan zijn 35 aanvullende maatregelen te vinden die tussen 2020 en 2023 in moeten gaan. Nieuw is onder andere de wet- en regelgeving voor consumenten. De EU wil dat consumenten meer slagkracht krijgen op het gebied van circulariteit. Zo komt er recht op reparatie voor consumenten die goederen hebben gekocht en moeten consumenten betere toegang krijgen tot informatie over circulariteit. Daarnaast worden er meer sectoren dan voorheen betrokken in dit actieplan, waaronder de ICT, de elektronica-, vervoer- en textielsector. Er komt meer aandacht voor de risico’s van microplastics, materiaalefficiëntie in de bouw moet omhoog en LCA’s worden opgenomen in openbare aanbestedingen. Ook moet stedelijk afval in 2030 gehalveerd zijn en moet er een EU-breed afvalscheidingsbeleid komen.

Targets en rapportages
In het vorige plan gaf de EU al een voorzet voor groene criteria die decentrale overheden konden gebruiken als ze circulair wilden inkopen of aanbesteden. In het nieuwe plan wil men een stap verder gaan. Zo moet er een target komen voor het aantal groene overheidsopdrachten dat overheden geven en wil de Europese Commissie dat hierover wordt gerapporteerd. Circulair aanbesteden wordt minder vrijblijvend. Pees vindt het een interessante maatregel. “Als je criteria voor minimale groene overheidsopdrachten gaat instellen voor meer sectoren kan dat zeker zoden aan de dijk zetten. Het opstellen van rapportages brengt mogelijk wel administratieve lasten met zich mee voor ambtenaren.” Het is op dit moment nog niet bekend hoe die rapportages precies opgezet moeten worden.

Implementeren kost tijd
“Het is lastig om op dit moment te meten wat de effecten zijn van de maatregelen die uit het vorige actieplan zijn voortgekomen”, zegt Pees. “Neem het afvalpakket dat in 2015 is geïntroduceerd. De wijziging van de richtlijnen is pas in 2018 aangenomen en krijgt dit jaar pas vorm in nationale wetgeving. Veel van die doelen – als je spreekt van recyclen van stedelijk afval of gescheiden inzamelen – gaan pas in voor 2030 of 2035. Dus dat duurt even voor dat je dat daadwerkelijk kunt meten.” Alles wat al wel meetbaar is, wordt vastgelegd in Eurostat. Waarom komt er dan nu toch een nieuw actieplan? “Bij beleid op duurzame onderwerpen is er steeds sprake van een voortschrijdend inzicht. Het moet steeds beter. Na dit actieplan zul je weer een volgende stap zien. Als we 100% circulair zijn, zijn we klaar, daarvoor niet”, zegt hij.

Nederland loopt voorop
Nederland is volgens Pees al een heel eind op het gebied van circulariteit. De Nederlandse overheid stelde eerder doelen op voor een circulaire economie dan de EU. “De doelstellingen die wij neerzetten, zoals Nederland circulair in 2050, die gaan verder dan wat er op Europees niveau is afgesproken. Op het gebied van circulariteit lopen wij zeker voor. In tegenstelling tot hernieuwbare energie, daarin zijn we niet per se het beste jongetje van de klas”, zegt Pees.

Economische belangen
In dit nieuwe actieplan gaat het niet alleen om het klimaat. Het draait ook om economische belangen. Men schat in dat een groeiende circulaire economie het Europese BBP kan doen groeien met een half procent en dat er 700.000 banen in Europa bij kunnen komen door het stimuleren van een circulaire economie. Het gebruik van circulaire materialen zou volgens de Europese Commissie bovendien de kosten voor productiebedrijven moeten terugdringen, waardoor die een betere positie op de wereldmarkt krijgen. Dus moet het actieplan niet alleen de weg wijzen naar een schoner, maar ook naar een concurrerender Europa.

Partner van Aanbestedingscafé:

"Circulair kantoormeubilair inkopen is ingewikkelder dan je denkt”

Je zult als inkoper maar willen starten met circulair aanbesteden zonder dat je organisatie daar ervaring mee heeft. Want, je moet toch voldoen aan de doelstelling van de overheid? Waar begin je dan? En hoe krijg je je innovatieve, duurzame product als ondernemer verkocht aan een overheidsinstantie? Expertisecentrum Aanbesteden PIANOo biedt inkopende overheden hulp. In gesprek met Sara Rademaker, adviseur Maatschappelijk Verantwoord Inkopen bij PIANOo.


Met wat voor vragen over circulair aanbesteden kloppen partijen bij jullie aan?
“Gemiddeld krijg ik zo’n één á twee vragen per week binnen die over circulair aanbesteden gaan. Die komen meestal van decentrale overheden maar soms ook van marktpartijen. Sommige mensen willen gewoon aan de slag en zoeken goede voorbeelden, dus die helpen we door ze in contact te brengen met andere aanbestedende diensten waarvan je weet dat zij eenzelfde aanbesteding al hebben gedaan. Of ik zoek een praktijkvoorbeeld dat we al hebben gepubliceerd. Meestal zijn mensen op zoek naar ideeën en inspiratie, die willen aan de slag met circulaire koffieautomaten of kantoorartikelen. En we ondervangen veel vragen door conferenties te organiseren en handreikingen te maken, zoals de handreiking Milieu Kosten Indicator (MKI). Maar, uiteindelijk ben je wel afhankelijk van gemotiveerde mensen die ermee aan de slag gaan en niet alleen van de hoeveel kennis die er op de plank ligt.”

En die marktpartijen, waarover benaderen die jullie?
“Laatst kregen we bijvoorbeeld een vraag van een ondernemer die een innovatief product had ontwikkeld, maar het niet verkocht kreeg. Dan zeggen mensen: “Maar de overheid wil toch circulair inkopen? Waarom kopen jullie mijn product niet?” Dat soort vragen krijgen we ook wel eens. Want dan ligt er een mooi product, maar wie moet daar dan de opdrachtgever voor zijn? Daar lopen marktpartijen tegenaan.” Voor deze ondernemingen maken we nu samen met het Versnellingshuis een brochure over inkopen en aanbesteden voor ondernemers.”

Circulair aanbesteden is een vorm van aanbesteden die volop in ontwikkeling is. Hoe gaan jullie daarmee om?
“Ik begon in 2015 met dit onderwerp en ik zie dat het enorm gegroeid is, dat er steeds meer partijen mee bezig zijn. Maar goed, voor iedere organisatie is zo’n eerste project weer een pilot. Ook al hebben tig andere partijen meegedaan, voor hen zelf is het weer een pilot. Er zijn dus starters en koplopers op dat vlak. Partijen zoals gemeente Wageningen doen dit al jaren. Die zoeken naar verdieping. De starters vragen zich af: “Hoe ga ik beginnen en hoe voorkom ik de fouten die een ander al gemaakt heeft?” Dus proberen wij ook in ons kennisaanbod te differentiëren. Voor starters bieden we instaptrainingen, een online wegwijzer circulair inkopen. En voor gevorderden hebben we de Green Deal, Buyer Groups en de Circulair Inkopen Academie.”   

“En het komt aan op goed opdrachtgeverschap. Je moet een inkoper niet opzadelen met allerlei beleidsdoelstellingen maar ervoor zorgen dat zoiets in de organisatie verankerd wordt, waarbij de inkoper kan ondersteunen. Zo voorkom je dat de inkoper een projectleider ervan moet overtuigen dat er circulair ingekocht moet worden.”

Inkopers weten jullie als expertisecentrum voor aanbesteden wel te vinden, maar lukt het jullie dan ook de rest van zo’n organisatie te bereiken?
“Het standaard publiek van PIANOo bestaat inderdaad uit inkopers. Dat is geleidelijk uitgebreid met beleidsmedewerkers Duurzaamheid. Die komen vaak ook uit bij inkoop als een belangrijke hefboom, en sommige organisaties hebben een adviseur Duurzame inkoop. Die weten zo’n MVI congres ook wel te vinden. Bij de Circulair Inkopen Academy stellen we als vereiste dat één deelnemer inkoper is en iemand meeneemt die projectleider, duurzaamheidsmedewerker of contractmanager is, zodat je verschillende stakeholders direct kunt betrekken. En een merendeel doet nu ook gewoon een pilot tijdens die opleiding, dus dat werkt goed. Een voorwaarde voor deelname is daarbij dat de organisatie een circulair inkooptraject doet tijdens de opleiding, en dat werkt erg goed.”

Naast de Circulair Inkopen Academy organiseerden jullie de voorgaande jaren Leernetwerken en nu starten jullie met buyer groups. Wat willen jullie daarmee bereiken?
“De Leernetwerken waren erg gericht op het uitwisselen van kennis, vooral op het gebied van klimaatneutraal en circulair inkopen binnen een bepaalde productgroep. Met de buyer groups willen we een stap verder gaan. Dat inkopers echt gezamenlijk de markt gaan benaderen en aanbestedingsstrategieën uitwerken, en daarna ook daadwerkelijk gaan aanbesteden. Het gaat dan in beginsel om individuele aanbestedingen. Gezamenlijk aanbesteden blijkt in de praktijk vaak best lastig. Het moet bijvoorbeeld maar net passen in de aanbestedingskalender.  Maar gezamenlijk, volgens een bepaalde lijn iets in de markt zetten, is wel belangrijk. Zo kunnen we meer schaal creëren voor marktpartijen. Een veel gehoorde klacht van marktpartijen is dat opdrachtgevers niet voor één lijn kiezen. Als ze dat wel zouden doen, kunnen marktpartijen gerichter gaan investeren.”

“Neem bijvoorbeeld het toepassen van zo’n MKI als meetmethode, dat vergt van partijen dat zij investeren in het maken van Life Cycle Analyses van hun producten. Over het algemeen vinden marktpartijen het alleen maar fijn als opdrachtgevers een keuze maken, dan is het voor hen ook duidelijk wat zij in kunnen investeren en in die zin willen we daar met die buyer groups aan bij te dragen. En dit is niet vrijblijvend. Neemt een overheid deel aan een buyer group, dan dient hij de uitkomsten binnen 2 jaar te laten landen in de aanbestedingspraktijk.” 

Is de ene branche ook verder dan de andere, wat betreft circulair inkopen en aanbesteden?
“Veel partijen die aan de slag gaan met circulair inkopen, starten met kantoormeubilair. Daarin is al veel ervaring opgedaan, dus dat lijkt relatief simpel. Het goed uitvoeren van zo’n contract binnen je organisatie is alleen best ingewikkeld. Je moet weten wat je hebt staan aan inventaris, welk deel je wilt laten refurbishen en wat je communiceert richting personeel. Vertel je dat zij op tweedehands stoelen zitten, of niet? Dat is complexer dan veel mensen denken, maar er wordt wel veel ervaring in op gedaan.”

“Dat geldt ook voor de grond-, weg- en waterbouw. Er kan heel veel en er worden heel mooie projecten gedaan, met asfalt waarin wc-papier is verwerkt, met biobased materialen of ‘gewoon’ asfalt met een hoog percentage gerecyclede materialen. Daar gaat het ook wel alle kanten op, er is nog niet één lijn. Die sectoren kunnen wel lokaal werken, dat is een voordeel. Er zijn grote productiebedrijven in Nederland waardoor je de keten snel in beeld hebt. Wat betreft ICT is dat écht ingewikkeld. Een gemeente bestelt vierhonderd laptops, maar een grote fabrikant in China gaat echt niet zijn productieproces aanpassen voor dat aantal laptops. En door een grote (Europese) buyer group te vormen kun je mogelijk wél verandering bewerkstelligen, ook in complexe ketens.”

Partner van Aanbestedingscafé:

De uitdagingen van circulair aanbesteden

Circulair aanbesteden. Een mooi begrip, maar ook een abstract begrip. Welke uitdagingen zitten er eigenlijk aan circulair aanbesteden? Hoe schrijf je nu een goede circulaire aanbesteding uit? En hoe maak je die concreet genoeg, zodat de inschrijvende partij er mee aan de slag kan en de opdracht tot het gewenste resultaat leidt? Om dat uit te zoeken spraken we met drie ervaringsdeskundigen op het gebied van circulair aanbesteden.

Circulaire verkeersborden voor een aantal gemeenten in Noord-Holland. Bij een dergelijke aanbesteding zit senior consultant Koen Spekreijse van Significant Synergy aan tafel. Verkeersborden van bamboe of andere duurzame materialen zijn allang geen verre toekomstdroom meer. Maar, dat stelt betrokken partijen ook voor nieuwe vragen en uitdagingen.

Circulair inkopen hoeft bijvoorbeeld niet altijd te leiden tot een duurzame oplossing. “Circulariteit bijt soms andere doelstellingen op het gebied van duurzaamheid. Iets kan heel circulair zijn maar is dan weer niet klimaatgericht. Je kunt het geheel aan impact onvoldoende overzien. Op heel veel producten kan het wel. In de bouw calculeert men allerlei waarden op materialen, met materiaalpaspoorten zodat je de herkomst kunt herleiden. Maar voor een hele hoop producten is dat er nog niet.”

Wat verstaan we onder circulair?
Jaco Poppe, directeur van ingenieursbureau BOOT, ziet dat het niet altijd duidelijk is wat men precies onder ‘circulair’ verstaat. BOOT is onder andere betrokken bij circulaire sloopprojecten. “Het is de kunst om de aannemer de ruimte te geven om zelf ook zijn duurzame werkwijze te kunnen inzetten. Daar moet je hem op uitdagen. Daar heb je wel beoordelingssystematiek voor nodig. En dat betekent dat je de juiste vragen moet stellen. Voor ons is het belangrijk te weten: hoe ga je duurzaam slopen en wat versta je daar dan onder?” Uitvragen wat nodig is en de invulling overlaten aan de markt, wordt volgens hem steeds belangrijker.

Spekreijse onderschrijft dat. Volgens hem weet de leverancier vaak beter hoe zij een probleem circulair kunnen oplossen dan de inkopende partij. “Het is dan een uitdaging om het voorschrijven van de oplossing los te laten en de specificatie zo functioneel mogelijk te maken.”

Kansen
Volgens Poppe zijn er ook mogelijkheden, los van kosten die uitgedrukt worden in euro’s. Door bijvoorbeeld naar de milieuwaarde en CO2-beprijzing te kijken. Poppe: “Die kun je zeker meenemen, of kijken naar de Milieu Kosten Indicator (MKI). Op die manier zijn er verschillende mogelijkheden, als iemand een aanbieding heeft met minder CO2-uitstoot telt dat ook mee in de weging. Maar dan moet de inschrijvende partij dat ook kunnen aantonen, hij moet het wel waarmaken.”

In sommige sectoren kunnen die indicatoren goed gemeten en berekend worden. Met DuboCalc bijvoorbeeld, in de bouw. Volgens Spekreijse wordt het lastiger als je dat soort tools niet tot je beschikking hebt, maar niet onmogelijk. “Dan helpt het bijvoorbeeld om de 10-R-methode te gebruiken. Daarnaast werken we bij Significant met de radarmethode. Die zegt dat het hebben van een Life Cycle Analyse (LCA) en MKI een stuk bewijslast vormt. Het hebben van die bewijslast is dan al een criterium. Daarmee blijf je weg van de inhoud, en focus je veel meer op het proces. Je vertrouwt erop dat het proces de circulaire oplossing brengt.”

Opportunisme
Over dat waarmaken heeft Poppe nog wel een aanbeveling. “Je moet wel zorgen dat er een boetebeding in het contract komt, anders heb je kans dat je pootje gelicht wordt.” Hij maakt het regelmatig mee dat een partij zich met mooie beloften en een lage prijs inschrijft, maar het vervolgens niet waarmaakt. “Dat is vervelend, want dan ben je duurzaam aan het aanbesteden en het gros gaat er heel serieus mee om maar een paar hebben er dan geen zin in en komen er gewoon mee weg.”

Ook politieke agenda’s werken circulair aanbesteden volgens Spekreijse soms tegen. Gemeenten zwakken circulaire ambitie in aanbestedingen soms bewust af, omdat de vorige bijvoorbeeld tegenvallend financieel resultaat laat zien. Gemeenten gaan het risico van een verdere kostenstijging dan uit de weg. Het politieke belang en aankomende verkiezingen gaan dan een rol spelen.

Kleine ondernemers
De schaal waarop circulair ingekocht wordt kan ook een obstakel vormen, zowel voor gemeenten als ondernemers. Voor kleine aannemers kan circulair werken bijvoorbeeld een uitdaging zijn, volgens Poppe. “Je ziet dat kleine aannemers bij gemeenten behoorlijk actief zijn, maar als je dan circulair wilt werken zul je als opdrachtgever echt zelf moeten bedenken hoe je het hebben wilt. Die invulling kun je van zo’n kleine partij eigenlijk gewoon niet verlangen.” Bovendien is er volgens hem weinig ruimte voor extra financiële middelen als er circulair wordt aanbesteed. “Er is geen ruimte om als aannemer 10.000 euro meer te vragen. De concurrentie doet dat ook niet, dus een lage prijs blijft belangrijk.”

‘Superambitieus ‘
Zijn met al deze uitdagingen de gestelde doelen wel haalbaar? “Die doelen zijn superambitieus.”, zegt Poppe. “Waar je tegenaan loopt is dat je in Nederland niet eens voldoende grondstoffen hebt om compleet circulair te worden. De vraag naar grondstoffen is vele malen hoger dan dat er op dit moment aan circulair materiaal vrijkomt. We hebben meer nodig dan er beschikbaar is, en wat er is, wordt heel vaak nog niet circulair ingezet.”

Spekreijse vestigt zijn hoop op technologische ontwikkelingen: “Ik heb mijn twijfels, over de haalbaarheid en objectiveerbaarheid. Ik denk dat technologie zoals die van de blockchain, echt nodig is om dit op een objectieve manier te kunnen verantwoorden.”

De komende weken belichten we steeds een ander aspect van circulair aanbesteden. Bent u betrokken bij circulaire aanbestedingen en wilt u uw ervaringen, kennis of mening delen? Mail dan naar redactie@aanbestedingscafé.nl!

Partner van Aanbestedingscafé:

Gemeenten hebben moeite om zero emissie doelgroepenvervoer te realiseren

Uit onderzoek van de vereniging Gemeentelijk Netwerk voor Mobiliteit en Infrastructuur blijkt dat gemeenten moeite hebben met het realiseren van zero emissie doelgroepenvervoer. Dat is volgens de gemeenten vooral te wijten aan een gebrek aan laadpalen en voertuigen die elektrisch of op waterstof rijden.

In 2025 moeten alle gemeenten volgens het Bestuursakkoord Zero Emissie Doelgroepenvervoer het vervoer plaats laten vinden met voertuigen die geen schadelijke uitstoot veroorzaken. Het akkoord werd in 2018 gesloten. Op dat moment sloten 49 gemeenten zich aan.

Hoewel het aantal laadpalen voor elektrische auto’s in Nederland toeneemt, blijft het lastig zero emissie doelgroepenvervoer voor elkaar te krijgen. Dat heeft volgens de onderzoekers ook te maken met specifieke uitdagingen van doelgroepenvervoer. Zo is er een tekort aan bussen waarin rolstoelgebruikers vervoerd kunnen worden en is het niet toegestaan een elektrische bus met rijbewijs B te besturen. Daarvoor zijn dit soort bussen te zwaar.

Vanaf 2021 dienen gemeenten hun vervoer deels klimaatneutraal in te kopen. De EU schrijft voor dat er tussen 2012 en 2025 minstens 38,5% van het openbare en goederenvervoer schoon aanbesteed moet worden.

Bron: Europadecentraal.nl

Partner van Aanbestedingscafé:

Circulair aanbesteden: impulsen van de overheid

In 2016 lanceerde de overheid het rijksbrede programma ‘Circulaire economie’, met een zeer ambitieuze doelstelling: een volledig circulaire economie in 2050. Door in te zetten op circulair hoopt de overheid klimaatverandering tegen te gaan. In 2030 moet het verbruik van metalen, fossiele brandstoffen en mineralen al met de helft zijn afgenomen. Welke impulsen geeft het Rijk aan de markt om dat te bewerkstelligen, specifiek op het gebied van circulair aanbesteden? Wat is er tot nu toe al gedaan? En wat staat er nog op de rol? Daar gaan we in dit artikel dieper op in.

Klimaatenveloppe
Initiatieven die vanuit de overheid bij moeten dragen aan een circulaire economie worden bekostigd uit de zogeheten ‘Klimaatenveloppe’. Die enveloppe bevat 300 miljoen euro die de regering jaarlijks – tot en met 2030 – reserveert voor aan klimaat verwante uitgaven. De overheid erkent daarbij het belang van circulair inkopen en aanbesteden voor een positieve impact op het klimaat.

Door zelf circulair te gaan inkopen en aanbesteden wil het Rijk samen met alle overheden al in 2021 1 megaton CO2 besparen. In 2023 moeten tien inkooplijnen van het Rijk circulair zijn. In de Klimaatenvelop voor 2019 werd daarom 7,5 miljoen euro gereserveerd voor het stimuleren van circulair inkopen. Voor 2020 maakt het kabinet nog eens 80 miljoen euro vrij, specifiek om circulaire projecten in de weg- en waterbouw die CO2-reductie opleveren, te stimuleren.

In het Uitvoeringsprogramma Circulaire Economie 2019-2023 is dan ook te lezen: “Met circulair beheer en aanbesteden kunnen zij een voorbeeldrol vervullen richting andere vastgoedeigenaren en opdrachtgevers. Dat geeft een positieve impuls aan de markt.” Dat betekent dat ook leveranciers mee zullen moeten bewegen als zij willen leveren aan de overheid. Het gaat niet langer alleen om (de laagste) prijs, maar ook om hergebruik van grondstoffen en het realiseren van een circulair ontwerp. Daarnaast is het ook de uitdaging voor de opdrachtgever de eisen op het gebied van circulariteit goed te verwoorden.

Leernetwerken
De overheid stelt niet alleen geld beschikbaar maar stimuleert ook het delen van kennis. In 2018 en 2019 organiseerde Rijkswaterstaat leernetwerken. Tijdens deze bijeenkomsten konden deelnemers ervaringen op het gebied van circulair inkopen en aanbesteden uitwisselen. De leernetwerken werden georganiseerd per sector, waaronder de Bouw, Energie, maar ook Catering en Hout. Daarnaast konden aanbestedende diensten in 2019 subsidie aanvragen voor het inwinnen van extern advies over maatschappelijk verantwoord inkopen (MVI), onder de Subsidieregeling advies bij klimaatneutraal en circulair inkopen.

Experimenteren met CO2-schaduwbeprijzing
Het inzetten van CO2-schaduwbeprijzing is één van de instrumenten waarmee het kabinet hoopt 1 megaton CO2 minder uitstoot te realiseren bij de eigen inkoop. Het beprijzen van COvoor de energiesector is in 2017 al opgenomen in het huidige regeerakkoord, waarin staat dat CO2-beprijzing moet worden ingezet om klimaatverandering in de toekomst tegen te gaan. Door de fictieve waarde van de belasting van CO2-uitstoot mee te nemen bij een aanbesteding (zonder dat daar echte geldstromen aan vast zitten), kan de milieubelasting van een aanbieding hoger of lager uitvallen. Door een waarde voor broeikasgassen mee te nemen in inkoopprocessen, kan interne CO2-beprijzing gebruikt worden om te sturen op klimaatgericht en maatschappelijk verantwoord inkopen. Op dit moment wordt dit toegepast bij projecten in de grond-, weg- en waterbouw (gww). CO2-uitstoot vormt dan een onderdeel van de milieukostenindicator (MKI). Bij een lage CO2-belasting ontstaat een milieuvoordeel, dat wordt omgezet in een financieel gunningsvoordeel. Een inschrijving met een lage CO2-belasting kan dus leiden tot een lagere inschrijving, waardoor de kans om te winnen toeneemt.

Bij de aanbesteding van grote gww-projecten gebruikt Rijkswaterstaat al een maatschappelijke kosten- en batenanalyse (MKBA), waarin de CO2-schaduwprijs is opgenomen. In de toekomst moet dat ook voor kleinere aanbestedingen gaan gebeuren. Uiteindelijk is het de bedoeling dat een aantal onderdelen van de overheid al voor 2050 volledig circulair werken, zoals de Waterschappen. Dit overheidsorgaan moet in 2030 al volledig circulair aanbesteden.

Buyer groups
Het spreekt vanzelf dat ook in 2020 nieuwe initiatieven opduiken, wil men de gestelde doelen voor 2023, 2030 en 2050 halen. Zo worden er op dit moment vanuit het Rijk, IPO, VNG en UWV zogeheten ‘buyer groups’ opgezet, die voortbouwen ‘op de inzichten van afgelopen jaar rondom CO2-beprijzing’, net als de leernetwerken van 2018 en 2019. De buyer groups bestaan uit initiators en deelnemers. De initiators stellen een markt- en strategievisie op die vervolgens in de praktijk wordt gebracht. Deelnemers kunnen aanhaken en de ontwikkelde concepten in de eigen organisatie toepassen. In de markt- en strategievisie zijn doelen met betrekking tot CO2-reductie en circulariteit opgenomen. De dertien groepen worden op dit moment samengesteld en moeten vanaf 1 juli starten.

Lopende projecten
Als we inzoomen op de grond-, weg- en waterbouw zien we dat Rijkswaterstaat inzet op pilotprojecten, zoals voor circulaire viaducten. Rijkswaterstaat investeert vijf miljoen euro in zogeheten Small Business Innovation Research. Daarbij brengen partijen offertes uit en subsidieert het Rijk deels de ontwikkeling van innovatieve oplossingen. Bij een succesvol pilotproject kan het ontwerp of het product, in dit geval een viaduct, in de markt worden gezet. Rijkswaterstaat kan daarbij optreden als launching customer. Als deze aanpak werkt, volgen SBIR-trajecten voor andere weg- en waterbouwprojecten. Het is één van de manieren waarop de overheid inzet op nog snellere ontwikkeling van circulaire initiatieven.

De komende weken belichten we steeds een ander aspect van circulair aanbesteden. Bent u betrokken bij circulaire aanbestedingen en wilt u uw ervaringen, kennis of mening delen? Mail dan naar redactie@aanbestedingscafé.nl!

Partner van Aanbestedingscafé:

Rijkswaterstaat investeert 5 miljoen euro in doorontwikkeling circulaire viaducten

Tijdens de Week van Circulaire Economie kondigde Rijkswaterstaat aan 5 miljoen euro in de doorontwikkeling van circulaire viaducten te steken. Het Rijk wil zo innovatie op het gebied van duurzame weg- en waterbouw versnellen.

Via Small Business Innovation Research (SBIR) wil de overheid investeren in de ontwikkeling van circulaire opties. De SBIR Circulaire Viaducten richt zich hierbij specifiek op viaducten over (rijks)wegen. Net als bij andere SBIR-competities is de overheid niet alleen investeerder, maar streeft het Rijk ook naar op te treden als ‘launching customer’. Rijkswaterstaat kan een succesvol, doorontwikkeld product aan het einde van de looptijd van het project dus ook afnemen. Rijkswaterstaat gaat bedrijven actief steunen bij het ontwikkelen van innovaties en laat een aantal partijen gelijktijdig oplossingen ontwikkelen, die vervolgens in de praktijk worden toegepast.

2030
Omdat Rijkswaterstaat al vanaf 2030 volledig circulair wil inkopen en bouwen moet er zoveel mogelijk kennis gedeeld worden. Bovendien moet er een groot aantal bruggen vernieuwd worden, waardoor de noodzaak tot innoveren nog groter wordt.

Werkwijze
Geïnteresseerde partijen kunnen een offerte uitbrengen en presenteren aan de opdrachtgever. Een onafhankelijke beoordelingscommissie bekijkt de offertes en beslist welke partijen een haalbaarheidsonderzoek mogen uitvoeren. Daarna volgt er een fase waarin oplossingen getest worden, zodat er aan het einde van het traject een prototype ligt. Hierbij zijn ook de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland en de aanbestedende dienst betrokken. Rijkswaterstaat kan er vervolgens voor kiezen de oplossing af te nemen maar is daar niet toe verplicht.

De SBIR gericht op viaducten over (rijks)wegen is de eerste SBIR-oproep. Het traject moet uitwijzen of het bijdraagt aan de ontwikkeling van innovatieve, circulaire (bouw)producten. Zo ja, dan kan SBIR ook worden ingezet voor stalen en beweegbare bruggen, ecoducten en onderdoorgangen.

Partner van Aanbestedingscafé:

Groningen onderscheiden voor MVI van energie tot 2024

De gemeente Groningen is landelijk onderscheiden vanwege de maatschappelijke verantwoorde manier van energie-inkopen. In 2024 moeten alle ingekochte energie worden opgewekt uit duurzame, lokale energiebronnen – in samenwerking met vier andere Groningse gemeenten en de provincie Groningen, zo meldt Groninger Internet Courant.

Met de gezamenlijke inkoop van duurzame energie hebben de vijf gemeenten, de provincie, Omgevingsdienst en Veiligheidsrisico’s de KoopWijsPrijs2019 gewonnen; een initiatief van de Rijksoverheid voor het meest vooruitstrevende project op gebied van Maatschappelijk Verantwoord Inkopen. Shared Service Center ONS en gemeente Rotterdam en partners behoorden ook tot de genomineerden.

Het winnende project van Groningen – nieuwe capaciteit groene energie – moet groene energie aan alle gebouwen van de gemeente en provincie, bruggen, sluizen en bijvoorbeeld straatlantaarns leveren. Daarnaast levert het een sociale impact op: de ontwikkeling van toekomstige zonne- en windparken biedt extra werkgelegenheid voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. “Deze prijs is een mooie waardering voor onze bijdrage aan de energietransitie. Met dit inkoopcontract moet in 2024 alle energie voor deze partijen worden opgewekt uit duurzame, lokale energiebronnen”, aldus Bram Qualm, adviseur inkoop bij de gemeente Groningen.

Partner van Aanbestedingscafé:

Als inkoper bijdragen aan milieuvriendelijk wc-bezoek

De Rijksoverheid gaat voor een duurzamer Nederland. Daar hoort vanzelfsprekend een milieubewust inkoopbeleid bij, vinden Rozemarijn Everts en Sarah Rose van UBR|HIS van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties . En dus pakken zij hun aanbestedingstrajecten duurzaam aan. Zo drogen rijksmedewerkers vanaf volgend jaar hun handen na een toiletbezoek op de meest duurzame manier.

(meer…)
Partner van Aanbestedingscafé:

Acht provincies samen over op duurzame energie

Deze week tekenen acht provincies samen met Greenchoice en Vattenfall de nieuwe energiecontracten voor uitsluitend duurzame energie, zo meldt Binnenlands Bestuur. Het gaat om de eerste collectief opgestelde duurzame energiecontracten, waarmee ze een belangrijke stap zetten richting de realisatie van de afspraken uit het Klimaatakkoord.

(meer…)
Partner van Aanbestedingscafé:

Rijksbrede MVI-criteria geactualiseerd

Sinds 21mei zijn de geactualiseerde landelijke MVI-criteria voor maatschappelijk verantwoord inkopen beschikbaar op mvicriteria.nl. Deze webtool biedt inkopende overheidsorganisaties de mogelijkheid om MVI-criteria op drie verschillende ambitieniveaus te zoeken en selecteren. Zo helpt het publieke inkopers en opdrachtgevers om zo duurzaam mogelijk in te kopen.

(meer…)
Partner van Aanbestedingscafé:

MVI heeft effect

De overheidsinspanningen om in 2015 en 2016 maatschappelijk verantwoord in te kopen hebben effect gehad. Dat blijkt uit onderzoek van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM). RIVM heeft daarbij gekeken naar 16 productgroepen en geconcludeerd dat de overheid daarin naar schatting “minstens 5 megaton CO2-equivalent aan broeikasgasemissies en 1,4 megaton CO2-equivalent gecompenseerd” heeft door MVI toe te passen.

(meer…)
Partner van Aanbestedingscafé:

Nederlandse overheid EU-koploper duurzaam inkopen

Binnen de EU gaat de Nederlandse overheid aan kop op het gebied van duurzaam inkopen. Dat blijkt uit de tweejaarlijkse Evaluatie Uitvoering EU-Milieubeleid 2019. Ook is volgens de EU Nederland een “voorbeeld voor publiek-private samenwerking in de circulaire economie.”

(meer…)
Partner van Aanbestedingscafé:

Helmond zet MVI in bij verwerking textiel

Helmond won een jaar geleden de Koopwijsprijs met haar Actieplan MVI. Inmiddels heeft het de speerpunten uit dat actieplan ook in de praktijk toegepast, onder meer bij de aanbesteding van textielverwerking en -vermarkting. Deze aanbesteding paste uitstekend bij het Actieplan stelt Thea Musters, medewerker inkoop bij de gemeente. “In het actieplan hebben wij vier speerpunten opgenomen: innovatie, social return, circulariteit en klimaatneutraal. Deze punten waren allemaal toepasbaar binnen deze aanbesteding.” (meer…)

Partner van Aanbestedingscafé:

Helmond trekt lessen uit MVI

Helmond won vorig jaar de Koopwijsprijs met haar Actieplan MVI. Nu kijkt het terug en vooruit. Op basis van de lessen die het vorig jaar heeft geleerd, wil de gemeente nu een volgende stap zetten op het gebied van maatschappelijk verantwoord inkopen. Daarom zal het haar actieplan vernieuwen. (meer…)

Partner van Aanbestedingscafé:

Rijksoverheid investeert in circulaire inkoop

De Rijksoverheid wil via publieke inkoop de transitie naar een circulaire economie een impuls geven. Het heeft daarom in 2019 7,5 miljoen euro vrijgemaakt voor “klimaatneutraal en circulair inkopen.” Ook zal het investeren in impactmeting, informatiebijeenkomsten, en het opzetten van internationale samenwerkingen. (meer…)

Partner van Aanbestedingscafé:

Groningen kiest voor groene stroom

De provincie Groningen heeft een langdurig energiecontract gesloten waarmee het in Nederland een van de koplopers op het gebied van groene stroom wordt. Alle gebouwen werken sinds 1 januari op duurzame energiebronnen. Datzelfde geldt voor de gebouwen van de Veiligheidsregio en de Omgevingsdienst. (meer…)

Partner van Aanbestedingscafé:

PIANOo introduceert TCO-tool voor dienstvoertuigen

PIANOo heeft samen met het leernetwerk Inkoop Duurzame Mobiliteit een TCO-tool voor dienstvoertuigen geïntroduceerd. Deze tool moet overheden ondersteunen bij het berekenen van de ‘Total Cost of Ownership’ van elektrische auto’s en ze daarmee helpen bij de overgang naar emissievrij vervoer. De tool is bedoeld voor inkopers, beleidsmedewerkers, wagenparkbeheerders en andere betrokkenen. (meer…)

Partner van Aanbestedingscafé:

Staatssecretaris nuanceert kritiek om duurzaam inkopen

“Overheden zeggen duurzaam in te willen kopen, maar in de praktijk stelt dat weinig voor.” Zo berichtte het Financieel Dagblad afgelopen maand. Naar aanleiding daarvan heeft staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat Stientje van Veldhoven een brief aan de Tweede Kamer verstuurd. Daarin geeft zij aan dat er inderdaad nog veel te winnen valt op het gebied van maatschappelijk verantwoord inkopen (MVI), maar benadrukt zij ook dat de overheden de afgelopen tijd niet stil hebben gezeten. (meer…)

Partner van Aanbestedingscafé:

Gemeenten sturen onvoldoende op duurzaamheid vervoersmiddelen

Slechts 8% van de gemeenten voldoet aan de landelijke duurzaamheidscriteria bij het aanbesteden van hun eigen vervoersmiddelen. Veel gemeenten kunnen niet sturen op schoon vervoer, omdat ze onvoldoende eisen stellen. Dat blijkt uit onderzoek van milieuorganisatie Natuur & Milieu. (meer…)

Partner van Aanbestedingscafé:

Gemeente Zevenaar wint KoopWijsPrijs 2018

De aanbesteding van een circulair fietspad heeft Zevenaar dit jaar de KoopWijsPrijs opgeleverd. De gemeente kreeg de prijs, een initiatief van de Rijksoverheid in het kader van Maatschappelijk Verantwoord Inkopen, uitgereikt tijdens het MVI-Congres in Nijmegen op 3 oktober. (meer…)

Partner van Aanbestedingscafé:

Gemeente Utrecht stelt te hoge recycle-eisen

Leveranciers van kantoorartikelen aan de gemeente Utrecht haken steeds vaker af, omdat ze niet aan de hoge duurzaamheidseisen kunnen voldoen. De gemeente wil bijvoorbeeld dat ordners en nietmachines uit respectievelijk 100% en 60% recyclebaar materiaal moeten bestaan. Leveranciers die nog meer duurzaamheid kunnen garanderen kunnen rekenen op extra punten en hebben meer kans op een opdracht. (meer…)

Partner van Aanbestedingscafé:

Kabinet ondersteunt duurzame aanbesteders

Het kabinet stelt 5 miljoen euro beschikbaar om klimaatneutraal en circulair inkopen bij overheden te bevorderen. Dat geld, beschikbaar vanuit de klimaatenveloppe in het regeerakkoord, wordt onder meer gebruikt voor expertondersteuning bij duurzame inkoopvraagstukken. Aanbestedende diensten kunnen hier een beroep op doen wanneer zij een inkooptraject starten of uitvoeren,waarbij ze een wezenlijke grondstoffen- of CO2-besparing kunnen realiseren. (meer…)

Partner van Aanbestedingscafé:

Gelderse OV-bedrijven komen aanbestedingsbelofte niet na

Het vervoer dat PlusOV gebruikt in de regio Apeldoorn is niet zo duurzaam als tijdens de aanbesteding werd beloofd. Taxibedrijf Willemsen de Koning beloofde in haar offertes dat 85% van haar busjes op groen gas zouden rijden. In werkelijkheid rijdt momenteel ongeveer de helft van haar voertuigen ‘groen’. (meer…)

Partner van Aanbestedingscafé:

Veel gemeenten nog geen oog voor biobrandstof

In 2007 spraken de Nederlandse gemeenten af om vanaf 2015 alle diensten en producten 100 procent duurzaam in te kopen. Toch blijven bijna alle gemeenten de komende jaren fossiele brandstof gebruiken, blijkt uit een onderzoek van NRC. (meer…)

Partner van Aanbestedingscafé:

Defensie wint prijs voor duurzame aanbesteding textiel

Het KPU-bedrijf van de Defensie Materiaal Organisatie heeft de Europese prijs voor duurzaamheid, Procura + Award, in de wacht gesleept. Het bedrijf kocht op een innovatieve manier bedrijfstextiel in. (meer…)

Partner van Aanbestedingscafé:

ProRail sluit zich aan bij Madaster

ProRail heeft zich aangesloten bij Madaster, een platform dat werkt als een openbare, online bibliotheek van bouwmaterialen. ProRail hoopt zo een positieve invloed te hebben op de circulaire economie. (meer…)

Partner van Aanbestedingscafé:

Laatste kaarten voor FIRA shares! 2017

ISO 20400 gaat over het managen van de supply chain, over verantwoordelijke besluiten binnen de inkoop én over het oogsten van kansen voor business development. Maatschappelijk verantwoord inkopen (MVI) levert ook een aantal voordelen op (meer…)

Partner van Aanbestedingscafé:

Regio Arnhem-Nijmegen koopt eigen groene stroom in

Zeventien gemeenten in de regio Arnhem-Nijmegen gaan vanaf 2018 een deel van de stroom betrekken uit duurzame energiebronnen uit de regio. De gemeenten willen binnen vijf jaar volledig zijn overgeschakeld op lokaal opgewekte groene stroom. (meer…)

Partner van Aanbestedingscafé:

Rol verantwoord inkopen overheid onduidelijk

De overheid zou een belangrijke rol kunnen spelen bij maatschappelijk verantwoord inkopen, maar het is niet duidelijk of het Rijk bij haar inkoopbeleid rekening houdt met milieuaspecten en of de producten op een eerlijke manier tot stand zijn gekomen. (meer…)

Partner van Aanbestedingscafé:

Alliander start aanbesteding circulaire bedrijfskleding

Netwerkbedrijf Alliander is gestart met een Europese aanbesteding voor circulaire bedrijfskleding, veiligheidskleding en persoonlijke beschermingsmiddelen. Het bedrijf wil samen met de leveranciers toewerken naar een circulaire kledingketen. (meer…)

Partner van Aanbestedingscafé:

Decentrale overheden willen dat nieuwe kabinet investeert in duurzaamheid

Provincies, gemeenten en waterschappen investeren jaarlijks 28 miljard euro in wegen, openbaar vervoer, water, natuur en de bouw van huizen, sportaccommodaties en scholen. (meer…)

Partner van Aanbestedingscafé:

Gemeente Utrecht gaat voor circulair beton

De gemeente Utrecht heeft op 16 januari 2017 het convenant ‘Beton in een circulaire economie’ ondertekend. Daarmee wil de gemeente het hergebruikpercentage van beton verhogen. (meer…)

Partner van Aanbestedingscafé:

RIVM bedenkt tools voor MVI

Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) heeft een aantal tools bedacht om inkopers bij overheidsorganisaties te helpen met maatschappelijk verantwoord in te kopen. Deze tools kunnen helpen om milieueffecten te duiden. (meer…)

Partner van Aanbestedingscafé:

Handtekening voor Manifest Maatschappelijk Verantwoord Inkopen

Vertegenwoordigers van allerlei overheidsorganisaties hebben, op uitnodiging van staatssecretaris Dijksma (Infrastructuur en Milieu), hun handtekening gezet onder het Manifest Maatschappelijk Verantwoord Inkopen. (meer…)

Partner van Aanbestedingscafé:

Gemeenten leven afspraak niet na

Uit het onderzoek ‘Duurzaam inkopen van vervoer’ van Natuur & Milieu blijkt dat 82 procent van de Nederlandse gemeenten de afspraak om vanaf 2015 100 procent duurzaam in te kopen niet naleeft. (meer…)

Partner van Aanbestedingscafé:

Doelgroepenvervoer vaak niet duurzaam ingekocht

In veel gemeenten in Nederland wordt doelgroepenvervoer niet altijd 100 procent duurzaam ingekocht, terwijl dit wel de afspraak is. Dit schrijft Taxipro.nl op basis van een onderzoek van Natuur & Milieu. (meer…)

Partner van Aanbestedingscafé:

Overheid koopt nog steeds ‘sjoemelstroom’ in

Het Rijk koopt ook dit jaar negentig procent van haar stroom uit traditionele kolen- en gascentrales van energiemaatschappijen Eon en Delta. Deze ‘sjoemelstroom’ wordt met certificaten uit buitenlandse waterkrachtcentrales groen gemaakt. Dat maakt actiegroep WISE bekend op basis van een onderzoek naar de inkoop. (meer…)

Partner van Aanbestedingscafé:

Mobiliteitsinkopen gemeenten zijn niet duurzaam

Weinig gemeenten voldoen aan de afspraak om in 2015 100 procent duurzaam in te kopen. Driekwart van de mobiliteitsinkopen van gemeenten voldoen namelijk niet aan de minimum duurzaamheidseisen. Dat blijkt uit onderzoek van de Stichting Natuur en Milieu onder 71 gemeenten. (meer…)

Partner van Aanbestedingscafé:

Plan van aanpak voor MVI vertoont hiaten

Het plan van aanpak om overheden duurzamer te laten inkopen is gebrekkig. Dat schrijven een aantal organisaties aan de Tweede Kamer en de verantwoordelijke bewindslieden van de ministeries van Infrastructuur en Milieu, Economische Zaken en Rijksdienst. (meer…)

Partner van Aanbestedingscafé:

Aanbestedingen voor projecten met windturbines

In Denemarken en voor de Franse kust zijn testlocaties aangewezen voor innovatieve concepten voor het opwekken voor windenergie. Frankrijk heeft een aanbesteding opengesteld voor projecten met windturbines. Het land heeft voor de tests drie locaties in de Middellandse Zee en één pilotlocatie in het Franse deel van de Noordzee aangewezen. Voor deze gehele tender is 150 miljoen euro beschikbaar, waarvan een derde in de vorm van subsidies en de rest in leningen.

De testlocaties zijn nodig om nieuwe turbineconcepten, elektronica en andere innovaties in de windsector verder te helpen. Het toetsen van nieuwe concepten, op een grote schaal en voor een langere periode, geeft investeerders het vertrouwen dat innovaties de kosten van windparken op zee daadwerkelijk omlaag brengen. Dat schrijft Duurzaambedrijfsleven.nl.

Proeftuin Leeghwater
Ook in het Nederlandse deel van de Noordzee was ruimte gereserveerd voor vernieuwende ideeën in de offshore windsector. In de ‘Proeftuin Leeghwater’ zouden 50 tot 75 windturbines geplaatst worden, goed voor 300 megawatt. Dit project is echter gestrand op de hoge kosten en doordat bedrijven minder behoefte kregen aan grootschalige proefprojecten.

Kleiner proefpark
Het Nederlandse demonstratieproject zal worden vervangen door een kleiner proefpark, maar dat wordt later aangelegd. In dit nieuwe plan worden kleine innovaties uitgetest in windparken die in 2016 commercieel worden aanbesteed. Het park komt in 2020 in productie.

Partner van Aanbestedingscafé:

Inkoopscan maakt duurzaam inkopen overzichtelijker

CE Delft heeft een inkoopscan gemaakt, waardoor gemeenten makkelijker inzicht kunnen krijgen in duurzaam inkopen. De inkoopscan is bedoeld om gemeenten te ondersteunen in het halen van de doelstelling om in 2015 100% duurzaam in te kopen. In praktijk blijkt dit namelijk nog moeizaam te gaan, zo laat een onderzoek van De Groene Zaak zien. Het onderzoek toont aan dat 40% van de beloftes over duurzaamheid niet waargemaakt worden.

CE Delft is een onafhankelijk onderzoek- en adviesbureau, gespecialiseerd in het ontwikkelen van innovatieve oplossingen van milieu- en duurzaamheidsvraagstukken. De CEDIS-inkoopscan geeft duidelijk weer hoe groot de ‘carbon footprint’ is, en waar de grootste milieuwinst te behalen is. Gemeenten kunnen basisgegevens aanleveren en vervolgens krijgen ze inzicht in de ‘footprint’ en de voornaamste veroorzakers, zoals bouw, energie of transport. Per categorie kan vervolgens de diepte in worden gegaan.

Goedkoop is duurkoop
Begin dit jaar trokken verschillende maatschappelijke organisaties al aan de bel over de doelstelling van de overheid. De organisaties stelden in hun brief aan de Tweede Kamer dat bij veel overheden de kennis en ervaring ontbreekt om met de EMVI-methode te werken. “Zolang bij aanbestedingen de prijs doorslaggevend blijft, is duurzaam inkopen een wassen neus”, dat stellen Marga Hoek (De Groene Zaak) en Hans de Boer (VNO/NCW). “Het gevolg is dat overheden inkopen op een lagere kwaliteit en over de hele levensduur hogere kosten maken. Goedkoop is ook hier duurkoop.” De coalitie doet een oproep aan het Kabinet om een nieuw programma duurzaam inkopen te ontwikkelen voor de periode tot 2020.

Partner van Aanbestedingscafé:

Metropoolregio gaat opnieuw oplaadpalen gunnen

De Metropoolregio Amsterdam gaat opnieuw openbare oplaadpalen voor elektrische auto’s aanbesteden. Het is een kleinere opdracht dan de vorig jaar ingetrokken klus voor het plaatsen van oplaadpalen. De Metropoolregio zegt dit te doen om zo meer in te kunnen spelen op ontwikkelingen in de markt voor oplaadinfrastructuur.

De Metropoolregio Amsterdam (MRA) is een samenwerkingsverband van 36 gemeentes, de provincies Noord-Holland en Flevoland en de Stadsregio Amsterdam. De samenwerking moet zorgen voor een uitbreiding van het aantal openbare laadplaatsen in de eigen regio. Het zet nu met de nieuwe aanbestedingsopdracht in op de realisatie van 200 ‘oplaadobjecten’, die binnen een half jaar moeten worden neergezet. Er wordt dus verder niet gespecifieerd hoeveel laadpunten er per object moeten komen; dat kunnen er één of twee worden. Dat schrijft Energeia.nl

Nieuwe ontwikkelingen
De MRA zet nu, met het oog op de toekomst, liever kleinere en kortlopende opdrachten uit. “Die bieden namelijk de mogelijkheid om snel in te spelen op nieuwe ontwikkelingen in de markt van oplaadinfrastructuur”, zo wordt in een toelichting aangegeven. MRA heeft daarnaast bij deze opdracht verwoord dat er een “eenduidig tarief voor de laaddienst” moet worden gehanteerd, een “all-in fixed price, zonder bijkomende of onverwachte kosten voor het gebruik”.

Ingetrokken gunning
Vorig jaar kwam de MRA in eerste instantie met een aanbesteding voor de plaatsing van 600 laadpalen met elk twee punten, dus 1.200 laadpunten in totaal. Deze opdracht werd voorlopig gegund aan de combinatie Nuon/Heijmans, maar de aanbesteding werd weer ingetrokken nadat Alliander er succesvol bezwaar tegen had gemaakt. “We kwamen er toen achter dat we de aanbesteding iets te strak hadden vormgegeven”, aldus projectleider Frenken in gesprek met Energeia.nl. Nuon zegt vorig jaar er in te hebben berust dat de voorlopige gunning werd ingetrokken. Het bedrijf zal meedoen aan de nieuwe aanbesteding.

 

Partner van Aanbestedingscafé:

Meer windmolenparken voor Nederlandse kust mogelijk

Een nieuwe wet die meer windmolenparken voor de Nederlandse kust mogelijk maakt, wordt door de Tweede Kamer aangenomen.[slide] De meerderheid van de Tweede Kamer was voor ‘Wet Windenergie op Zee’ tijdens de plenaire behandeling. Het aannemen van het wetsvoorstel zorgt ervoor dat de ambitie om voor 2023 het aandeel van de hernieuwbare energieopwekking tot 16% op te voeren te halen is. Voor die deadline dient minstens 4450 megawatt door windmolens op zee te worden opgewekt. De beoogde windparken zullen via een openbare aanbesteding worden gegund.

Een meerderheid van de volksvertegenwoordiging wierp geen obstakels op. Wel plaatsten verschillende fracties kanttekeningen bij het kostenplaatje dat verantwoordelijke minister Henk Kamp van Economische zaken presenteerde. Zo schrijft FD.nl.

12 miljard subsidie
Op basis van deze inschatting van de elektriciteitsprijzen denkt de minister circa 12 miljard euro aan subsidie te moeten verstrekken om de aanleg van de windmolenparken in de periode 2019-2038 te realiseren. Dat is aanmerkelijk minder dan de eerdere inschatting van 18 miljard euro. “De werkelijke subsidiekosten zullen pas na het afronden van alle tenders in 2019 berekend kunnen worden”, zegt Kamp. “Omdat de ontwikkeling van de elektriciteitsprijs zich moeilijk laat voorspellen.”

Kostenbesparing via Tennet
De aansluiting van de beoogde windparken aan het landelijke elektriciteitsnetwerk wil Kamp geheel gunnen aan het staatsbedrijf Tennet. Hierdoor zouden de kosten circa 3 miljard euro lager uit kunnen vallen. In het Energieakkoord werd er nog van uitgegaan dat elke exploitant zijn eigen aansluiting zou verzorgen en betalen. In de Tweede Kamer waren er nog twijfels over de kostenreductie die stroomtransporteur Tennet kan realiseren.

Vergunningen intrekken
De beoogde windparken, die via een openbare aanbesteding zullen worden gegund, komen in plaats van de vergunningen die eerder waren afgegeven aan Nuon, Eneco, RWE, Dong en Northland. Omdat de vergunningen zijn ingetrokken, trekt Kamp in totaal 7,35 miljoen euro uit om deze bedrijven te compenseren.

Meerdere wetten
Om de nieuwe windparken ook daadwerkelijk aan te kunnen leggen moeten er, naast de Wet Windenergie op Zee, nog meer wetten aangenomen worden. Andere wetten betreffen onder meer de elektriciteitswet Stroom en de Waterwet voor de ruimtelijke inpassing van de locaties op zee, zoals voor het Zeeuwse Borssele en voor de Zuid-Hollandse en Noord-Hollandse kust.

Partner van Aanbestedingscafé:

APG wil miljoenen investeren in windmolenparken

De grootste pensioenbeheerder van Nederland, APG, wil toch investeren in nieuwe windmolenparken op de Noordzee.[slide] Eerder wees APG dit nog af, omdat de investering te onzeker zou zijn. De pensioenbeheerder overweegt nu enkele honderden miljoenen te steken in windpark Borssele. Hiervoor wordt de aanbesteding in oktober geopend.

In juni 2014 gaf APG nog aan de techniek van offshorewindturbines te jong te vinden en de bijdrage van de overheid te onzeker om aan de rendementseisen van het fonds te voldoen. Afgelopen jaar zijn de financiële risico’s besproken met energiebedrijven en met beleggers die al ervaring hebben met wind op zee. “Daardoor hebben we een beter beeld gekregen van de onzekerheden”, zegt de woordvoerder van APG, Harmen Geers tegen de Volkskrant.

Subsidieregeling
Nederlandse subsidieregels zijn volgens de woordvoerder ook geen spelbreker meer. “Volgens minister Kamp is voor de windparken de komende vijftien jaar 18 miljard euro beschikbaar.”
Windpark Borssele vergt een investering van 2,1 miljard euro, maar levert daarna vrijwel gratis energie op. Volgens eigen regels mag APG hoogstens de helft van een duurzaam project financieren. De meerkosten worden betaald uit de subsidieregeling.

Aanbesteding
Of er ook daadwerkelijk in windpark Borssele geïnvesteerd gaat worden is afhankelijk van een lopend onderzoek en of de betrokken projectontwikkelaar de aanbesteding wel wint. Tot 2019 komen er vijf nieuwe kavels voor windparken, met elk een capaciteit van 700 megawatt. Volgens de aanbestedingsregels mogen ze worden gebouwd door de partij die de overheid de laagste prijs biedt voor de opwekking van één kilowattuur stroom. De kosten moeten in de loop der tijd met 40 procent dalen.

Toenemende druk
APG beheert 359 miljard euro van vijf pensioenfondsen, waaronder het ABP. De organisatie staat onder toenemende druk om het aandeel in duurzame investeringen te vergroten. Voor pensioenfonds ABP heeft het al 1 miljard belegd in hernieuwbare energie.

Partner van Aanbestedingscafé:

Amsterdam breidt contract catering Sodexo uit

De gemeente Amsterdam en cateringsbedrijf Sodexo hebben hun samenwerking uitgebreid met 12 locaties. [slide]De twee organisaties zijn een nieuw tweejarig contract aangegaan voor de volledige cateringdienstverlening voor de 18 kantoor- en werflocaties van de gemeente. Voor 6 locaties verzorgde Sodexo al de catering,aldus Facto.

Aan het nieuwe contract is een Europese aanbesteding vooraf gegaan. De offertes zijn beoordeeld door een multidisciplinair beoordelingsteam vanuit de vakgebieden Duurzaamheid, Management en Inkoop.

Invulling MVO
In het cateringcontract met Sodexo wordt op grote schaal invulling gegeven aan Social Return. Daarbij wordt er ook een duurzaam en gezond assortiment gevoerd. Sodexo heeft een plan van aanpak opgesteld om een maximale duurzame inkoop voor cateringproducten en middelen te behalen en afval, derving en milieubelasting te reduceren. Via dit plan groeien de medewerkers van de gemeente Amsterdam mee in de duurzaamheidswens van de gemeente Amsterdam.

Partner van Aanbestedingscafé:

Kamer steunt voorstellen duurzame inkoop

De oproep van zes maatschappelijke organisaties om de duurzame inkoop van producten en diensten bij overheden een nieuwe impuls te geven, krijgt veel steun in de Tweede Kamer. [slide]Alleen de VVD-fractie is het niet eens met de voorstellen van de belangenorganisaties. Dit bleek donderdag tijdens een overleg van de Vaste Kamercommissie voor Infrastructuur en Milieu met staatssecretaris Wilma Mansveld (PvdA), zo schrijf FD.nl.

In de brief stellen de organisaties dat het op een aantal fronten misgaat. Overheden zouden, volgens de afspraken in 2011, moeten bijdragen aan duurzame economische bedrijvigheid. Maar al vanaf 2012 heeft duurzaamheid een steeds lagere prioriteit. De organisaties dringen aan op een nieuw duurzaam inkoopprogramma en harde afspraken tot 2020.

Geen steun VVD
VVD-woordvoerder Remco Dijkstra keerde zich tegen de meeste voorstellen van de organisaties. Die leiden alleen maar tot een grotere overheid, stelt hij, terwijl de liberalen de overheid juist klein willen houden. SP en PVV waren niet aanwezig bij het overleg.

Voor de zomer antwoord
Mansveld vindt dat het signaal van de ondernemers serieus genomen moet worden en beloofde dat het kabinet voor de zomer antwoordt op de brief. De kabinetsreactie komt mede van minister Stef Blok voor Wonen en Rijksdienst. De VVD-bewindsman is verantwoordelijk voor de inkoop bij het Rijk.

Partner van Aanbestedingscafé:

Overheid laat focus op duurzaamheid verslappen

De overheid houdt zich niet aan de belofte om milieubewust in te kopen. [slide]Vier jaar geleden is de afspraak gemaakt dat het Rijk, provincies, gemeenten en andere overheidsdiensten duurzaamheid voorop zouden stellen bij de inkoop van goederen, diensten en voorzieningen. Hier is nog weinig van terechtgekomen, zo schrijven zes maatschappelijke organisaties aan de Tweede Kamer, aldus Trouw.

De organisaties, waaronder MVO Nederland en VNO-NCW, willen dat de Tweede Kamer bij het kabinet aandringt op een nieuw duurzaam inkoopprogramma met harde afspraken tot 2020. Komende week debatteert de Kamer over het inkoopbeleid.

Gunnen op laagste prijs
In de brief stellen de organisaties dat het op een aantal fronten mis gaat. Overheden zouden, volgens de afspraken in 2011, moeten bijdragen aan duurzamere economische bedrijvigheid. Maar al vanaf 2012 heeft duurzaamheid een steeds lagere prioriteit. Uit een enquête uit 2013 blijkt dat de aandacht voor duurzaam inkopen bij alle overheden toen met meer dan 40 procent is afgenomen. Volgens de organisaties vallen de overheden terug op de veronderstelling dat de laagste prijs de beste keus is.

‘Goedkoop is duurkoop’
In de Aanbestedingswet van 2012 is vastgelegd dat bij aanbesteden de ‘economisch voordeligste inschrijving’ wordt gehanteerd. Hierbij zou niet alleen de prijs, maar ook kwaliteit (duurzaamheid, levensduur) doorslaggevend zijn. Bij veel overheden ontbreekt de kennis en ervaring om met deze methode te werken, aldus de brief. “Zolang bij aanbestedingen de prijs doorslaggevend blijft, is duurzaam inkopen een wassen neus”, dat stellen Marga Hoek (De Groene Zaak) en Hans de Boer (VNO/NCW) volgens de krant. “Het gevolg is dat overheden inkopen op een lagere kwaliteit en over de hele levensduur hogere kosten maken. Goedkoop is ook hier duurkoop.“

Partner van Aanbestedingscafé:

NS streeft naar duurzame keten

De elektrische treinen van NS rijden sinds begin dit jaar voor 50 procent op windenergie. De doelstelling is om in 2018 voor 100 procent op windenergie te rijden. NS streeft niet alleen naar duurzaamheid in het vervoer, maar in de gehele keten, zo schrijft Duurzaambedrijfsleven.nl.

NS heeft met Eneco het contract getekend voor de levering van windenergie. De helft van de groene stroom voor het treinverkeer is afkomstig van de nieuwe windparken in Nederland. De andere helft komt uit nieuwe parken in België en Scandinavië. De hoeveelheid stroom die NS afneemt, is gelijk aan de hoeveelheid die de windparken opleveren.

Speerpunt bij aanbestedingen
Duurzaamheid is voor NS ook een speerpunt bij aanbestedingen. Niet alleen de duurzame specificaties van het product zijn belangrijk, maar ook het duurzaamheidsbeleid van de toeleveranciers. “Als je slim aanbesteedt, kun je goede afspraken maken. De winst die dat oplevert kun je vervolgens verdelen onder de betrokken partijen. Dat leidt weer tot verdere investeringen”, aldus Michiel van Roozendaal, lid van de directie van NS tegen Duurzaambedrijfsleven.nl.

Partner van Aanbestedingscafé:

Tientallen miljoenen voor aanbestedingen duurzaam OV

De overheid is gefocust op duurzaam aanbesteden bij openbaar vervoer (OV). Projecten met bussen die elektrisch rijden schieten als paddenstoelen uit de grond. De overheid heeft als doel om publieke bussen in 2025 volledig emissievrij te laten rijden; dus op elektriciteit. Er zijn tientallen miljoenen aan subsidies beschikbaar gesteld.

De weg naar emissievrij OV is echter nog lang, zo schrijft OVpro.nl. De inzet van zero emissie mag namelijk niet ten koste gaan van de inzet van buslijnen. Daarnaast wil de overheid ook niet méér voor het openbaar vervoer betalen dan nu het geval is. Ook de reiziger is hier niet toe bereid. Als het duurder wordt, gaat de reiziger voortaan met de auto en dan is alle milieuwinst teniet gedaan.

In tien jaar 100% emissievrij
Een bieding van Veolia, om busvervoer in Breda volledig elektrisch te maken, ging niet door vanwege een rekenfout in de beoordeling van de offertes. Ruud van Heugten van de provincie Noord-Brabant stelt in een gesprek met OVpro.nl: “Het busvervoer moet in de volgende aanbesteding in Brabant, dus over een kleine tien jaar, honderd procent emissievrij zijn. Dat was nu nog een brug te ver”. Van Heugten adviseert de overige overheden om vooraf met de OV-branche in gesprek te gaan, om zo te kijken wat er haalbaar is binnen de gestelde kaders.

Veel voor weinig
De hele sector en de overheid is het er wel mee eens dat het openbaarvervoer op lange termijn volledig emissieloos moet zijn. De vraag is in welk tempo dat haalbaar is. Aanbestedingen in het OV betekenen vooralsnog dat er zoveel mogelijk vervoer tegen een zo laag mogelijk bedrag gerealiseerd moet worden.

Sluiten

Inloggen met

of met e-mailadres