Magnifying glass Close

Aanbesteding catering: optimaal gebruik van koffiedik, tomatenstengels, bietenpulp en oud brood

De staat heeft een rechtszaak gewonnen over een circulaire cateringaanbesteding voor Rijkswaterstaat en het CJIB. Wat wel grappig is, is dat de inhoudsindicatie op rechtspraak.nl het ergste doet vermoeden: “Kort geding. Aanbesteding circulaire cateringdiensten. Schending instructie bij proeverij. Schending aangekondigde beoordelingssystematiek. Onjuiste beoordeling. Ondeugdelijke proeverij.” Ik ging er eens lekker voor zitten, maar het bleek precies omgekeerd te zijn: Geen schending instructie bij proeverij. Geen schending aangekondigde beoordelingssystematiek. Correcte beoordeling. Correcte proeverij.” Wie zou die inhoudsindicatie maken?

Ze mogen de rechtszaak gewonnen hebben, de aanbesteding is een gedrocht. Laat ik voorop stellen dat ik het een uitstekend uitgangspunt vind om bij aanbestedingen na te denken over circulariteit. Ik heb echter wel moeite met geleuter. Laten we eerst eens kijken hoe de aanbestedende dienst de circulaire catering zelf ziet:

“Als het gaat om Circulaire catering wil Aanbesteder van verbruik van grondstoffen en hulpbronnen (lineair systeem) naar minimaliseren van waarde vernietiging en een zo efficiënt mogelijk gebruik van grondstoffen en hulpbronnen waarbij zoveel mogelijk wordt hergebruikt en tot waardevermeerdering leidt (circulair systeem). Aanbesteder wil dat producten en materialen een zo lang mogelijke levensduur hebben, en de waarde van materialen en producten zoveel mogelijk behouden en gedacht en gehandeld wordt vanuit een ketenperspectief.”

Hallo, bent u daar nog? Het gaat om een catering-aanbesteding (“mag ik nog een broodje kroket?”). Zo’n tekst kan alleen maar verzonnen zijn door een ambtenaar die al jaren niet meer in de buitenlucht is geweest.

Gelukkig wordt ook toegelicht hoe dit bij catering tot uiting kan komen. Ik lees o.a.:

“In de bedrijfsvoering: minder voedselverspilling, minder energiegebruik, geen afval. Minimaal belastende bereidingswijze en distributieprocessen. Minimale belastende inrichting/materialen.”

“In de assortimentskeuze: meer plantaardige eiwitten en minder dierlijke eiwitten, minder bewerkt voedsel, meer vers, meer uit het seizoen en bij voorkeur lokaal geproduceerd.”

“In de omgang met reststromen: optimaal gebruik van reststromen, zoals koffiedik, tomatenstengels, bietenpulp en oud brood. Hierdoor gaat zo min mogelijk biomassa verloren.”

Je kunt er op wachten dat zo’n aanbesteding tot problemen zal leiden. Dat gebeurt ook. Eén van de beoordelaars/proevers zegt: “GROWX lijkt duurzaam, is het niet wat mij betreft, liever geen gistvlokken”. Maar de inschrijver zegt dat het wel aantoonbaar duurzaam/circulair is. Ik heb het ge-googled maar GROWx staat voor geavanceerde verticale boerderijen in een gesloten stedelijke omgeving. Wat dat met gistvlokken te maken heeft is mij niet duidelijk. De rechter ook niet, want die verzucht dat hij niet over de vereiste specialistische kennis beschikt om de juistheid van die stelling van Vermaat te kunnen vaststellen.

Een ander probleem blijkt de aangeboden amandelmelk. Is die wel circulair? De partijen zijn het hier niet over eens en de rechter verzucht nog maar weer eens dat hij wegens onvoldoende specifieke kennis, niet kan oordelen wat juist is. Dit is precies het probleem met circulariteit. Zolang de deskundigen het niet met elkaar eens zijn en we geen formules of ijkpunten hebben om het enigszins te objectiveren, blijft het geleuter in de ruimte.

Daarnaast is er een proeverij waarbij 25 personen de presentatie en communicatie van producten en de smaak en kwaliteit beoordelen. Persoonlijk krijg ik wat jeuk bij een begrip als de ‘de communicatie van producten’ (“de asperge bleek niet over een uitgebreide woordenschat te beschikken”).

Maar ook het op deze manier laten beoordelen van ‘smaak en kwaliteit’ is natuurlijk vragen om moeilijkheden. De volgende passage komt rechtstreeks uit de rechtszaak:

“Verder stelt Vermaat zich op het standpunt dat enkele beoordelaars ter zake van subgunningscriteria 2b ten onrechte opmerkingen hebben geplaatst als “Salade was saai”, “Lastig te eten tijdens vergadering”, “Salades niet handig” en “simpel, saai”, welke opmerkingen geen rol kunnen spelen bij het subgunningscriterium “Smaak”. Dit bezwaar treft geen doel. Subgunningscriterium 2b betreft “Smaak en kwaliteit” en dus niet – zoals Vermaat lijkt te suggereren – enkel “Smaak”. Niet valt in te zien waarom de hiervoor geciteerde opmerkingen geen betrekking zouden kunnen hebben op de smaak en/of kwaliteit van de aangeboden arrangementen.”

De rechter vindt dus dat onder kwaliteit wel valt dat een salade tijdens een vergadering goed te eten is. Het is maar dat we het weten… Ik vind het een draak van een aanbesteding. Wat mij eigenlijk nog het meeste stoort is dat de aanbestedende diensten alle verantwoordelijkheid voor de circulariteit weer bij de inschrijvers leggen. Als het lot van de wereld je als overheid ten harte gaat, waarom geef je dan niet eens een keer een inspirerend signaal af. Er zitten op dit moment wereldwijd 360.000.000 dieren in kooien en hokken opgesloten in afwachting van het moment dat ze geslacht worden voor consumptie. Ik had het geweldig gevonden als de aanbestedende diensten besloten hadden om de catering volledig vegan te houden. Iedereen is het erover eens dat de vleesconsumptie moet verminderen. Waarom niet daar eens echt met een aanbesteding een steentje aan bijdragen in plaats van te leuteren over het al dan niet circulair zijn van de amandelmelk?

Partner van Aanbestedingscafé
Partner van Aanbestedingscafé

Reacties

Partner van Aanbestedingscafé
Sluiten

Inloggen met

of met e-mailadres