Inloggen
Login met InkopersCafé account Account aanmaken

Premium partners

significant

publicsoft

logoadjust

FIRA_briefpapier_9.indd

LogoAevesBenefit

iv

Gold partners

nic

Sdu

Silver partners

01
06
Nancy van Bemmel
1 Star2 Stars3 Stars4 Stars5 Stars
4
Door Nancy van Bemmel
Categorie: Aanbesteden, Wetgeving
Soort:

Beoordelingen aanbestedingen vinden onzuiver plaats

Beoordelingen aanbestedingen vinden onzuiver plaats

Advocaten benutten lang niet alle mogelijkheden van de wet om ondeugdelijke gunningsmethoden aan de kaak te stellen. Rechters zouden meer vragen moeten stellen over de inhoud van de aanbesteding, zoals hoe de methodiek werkt en welk effect deze heeft op de uitkomst. In plaats daarvan gaat het in rechtszaken over gunningsmethoden meestal alleen over de vraag of de methode transparant en niet discriminerend is. Expliciete bepalingen over gunningsmethodieken in de wet zijn er immers weinig tot niet.

Ook in inkoopleerboeken staat zeer weinig over gunningsmethoden. Terwijl die formule daadwerkelijk bepaalt welke inschrijver de opdracht wint. Weinig regels, weinig kennis en weinig creativiteit zijn hier de oorzaak van, stellen Jan Telgen, hoogleraar inkoopmanagement en Elisabetta Manunza, hoogleraar aanbestedingsrecht tegen AanbestedingsCafe.nl. “Er gaat in de praktijk veel mis met de gunningsmethoden, waardoor de prijs vaak veel zwaarder weegt dan de bedoeling van de aanbesteder is”.

“In de Aanbestedingswet staat slechts dat je de weging bekend moet maken voor zover dit mogelijk is”, vertelt Manunza. “Er is echter niets geregeld over de eisen die aan de methodiek gesteld moeten worden. Als je een methode hanteert waardoor de beoordeling niet zuiver plaatsvindt, dan geeft de wetgever de indruk dat goed te vinden, zolang het maar wel transparant bekendgemaakt wordt en niet discriminerend is. Jammer, want de wet biedt mogelijkheden om ondeugdelijke gunningsmethodieken aan de kaak te stellen, maar deze worden helaas niet benut door advocaten. De Gids proportionaliteit heeft inmiddels slechts enkele aspecten verduidelijkt, maar of dat effect heeft in de praktijk, is nog niet meetbaar.”

Relatief beoordelen niet professioneel
Zowel de wet als de Gids zwijgen over de ‘relatieve beoordelingsmethode’, wat het beste voorbeeld is van een onzuivere beoordelingsmethode. “De naam zegt het al. Het is geen objectieve meting, maar een relatieve meting. Deze methode wordt zeer veel toegepast in Nederland”, stelt Manunza. “Bij de relatieve methode krijgt de beste inschrijving het maximaal haalbare aantal punten, waarna de punten voor de andere inschrijvingen van de beste inschrijving worden afgeleid”, legt Telgen uit. “Een groot probleem van dit scoringsmechanisme is dat de rangorde tussen twee leveranciers af kan hangen van een derde leverancier. Het toevoegen of weglaten van een leverancier kan een effect hebben op de scores van alle leveranciers. Het gebruik van relatieve scores is niet professioneel, omdat de aanbestedende dienst eigenlijk laat zien dat hij niet weet hoe belangrijk hij een verschil in prestatie vindt. In Nederland wordt deze methodiek veel gebruikt en bij sommige aanbestedende diensten zelfs verplicht gesteld, terwijl deze in andere EU landen, zoals Portugal, verboden is.”

Ruimte voor manipulatie
“Deze methode laat ook ruimte om te manipuleren”, vervolgt Telgen. “Er zijn veel voorbeelden waarbij drie partijen heel dicht bij elkaar liggen en dan gaat de duurste en kwalitatief beste inschrijver niet winnen. Het zou nu wel heel goed uitkomen als er een andere partij bereid is om laag in te schrijven, met een hele lage kwaliteit. Dan zorgt die extra inschrijver ervoor dat de kwalitatief beste opeens wel kan winnen, omdat prijs minder zwaar meetelt.” Manunza: “Je kan het inschrijvers ook niet kwalijk nemen dat ze gebruik maken van deze ruimte. Het is kwalijker dat de overheid dit laat gebeuren.”

Oorzaak prijsdruk
Naast de relatieve methode, zijn er nog meer methoden die ruimte laten voor onzuivere beoordelingen. “Binnen een andere methode, die bijvoorbeeld veel is gebruikt in de WMO, neemt de inkoper in het bestek op dat er voor 70 procent op kwaliteit en 30 procent op prijs beoordeeld wordt. Om dit extra te borgen, kiest de inkoper ervoor om een kwaliteit van ten minste een 6 op de schaal van 1 tot 10 te eisen. Dan kan de inschrijver daardoor op kwaliteit een verschil halen van 4 punten. 70 procent daarvan telt mee, dat is dus 2,8 punten. Op prijs kun je echter nog steeds tussen de 0 en de 10 punten scoren, maal 30 procent. Dus dat telt voor 3 punten mee. Daardoor klopt de verhouding 70/30 niet meer. Dit is veel rond 2008 gebeurd bij aanbestedingen Hulp bij het huishouden binnen de WMO en is ook de oorzaak van de prijsdruk. Daarnaast heeft de winnende partij ten minste een 6 op kwaliteit, maar ook niets meer, want hij heeft al een hele lage prijs”, aldus Telgen.

Wetgeving versus deskundigheid
Manunza: “Ook zonder explicietere regels in de wet is het mogelijk om methoden zoals de relatieve beoordeling aan de kaak te stellen. Helaas houden rechters zich vooral bezig met de klassieke toets over gelijkheid en transparantie. Ze zouden vaker naar de inhoud moeten kijken, zoals hoe een methodiek werkt en welk effect de toepassing daarvan heeft en daar vragen over moeten stellen. In kortgedingzaken is dit ook wel begrijpelijk, rechters stellen zich lijdelijk op. Kwalijker is dat advocaten de mogelijkheden die de wet biedt niet benutten. Zo zouden ze kunnen stellen dat de inschrijvingen niet op basis van een objectieve methodiek en onder voorwaarde van daadwerkelijke mededinging zijn beoordeeld, eisen die de wet wel stelt. Het zou helpen als de wethouder hier ook een beslissing over durft te nemen.”

Nancy van Bemmel
Door Nancy van Bemmel
Nancy van Bemmel is een gedreven journalist. Voor AanbestedingsCafe.nl zet ze zich graag in om inkopers snel van het allerlaatste nieuws te voorzien. Heeft u tips voor Nancy? U kunt haar mailen via: nancy@aanbestedings-cafe.nl

Reacties:

  • Hans Kuiper | 30-05-2017 om 20:43

    Manunza neemt manipulerende inschrijvers niets kwalijk. Ze maken volgens haar gebruik van de ruimte die er is, om de uitslag te manipuleren. Ik zie dat anders. Er is geen ruimte voor afstemming tussen concurrenten. Ik ben benieuwd of de NMA er ook zo over denkt. Ik hoop van niet want bij deze samenspanning van inschrijvers wordt de aanbesteder opgelicht. Ze neemt het de overheid terecht kwalijk dat het kan gebeuren, want bij een absolute beoordelingsmethode is deze samenspanning niet mogelijk.

    Voor Telgen: Een prijsscore tussen 0 en 10, waarbij de hele range wordt gebruikt heeft naar mijn inzicht veelal een verborgen weegfactor in zich. Een 1% lagere prijs geeft dan b.v. een 3% betere prijsscore. Als je een scoremethodiek gebruikt waarbij 1% verbetering in prijs of kwaliteit ook 1% verbetering geeft in prijsscore en kwaliteitsscore dan heb je geen verborgen weegfactoren en blijven de opgegeven bedoelde weegfactoren behouden.

    • Anoniem | 09-06-2017 om 16:58

      Beste Hans,

      Toch even een reactie op jou zienswijze die wel van een negatieve markt uitgaat.
      Wat Manunza probeert uit te leggen over de relatieve beoordelingsmethodiek en de “manipulatie” heeft niets te maken met of er ruimte tussen concurrenten is om samen te spannen en/of een aanbestedende dienst op te lichten.

      Een oplettende inschrijver kan rekening houden met zijn prijs/kwaliteit verhouding in relatie tot het aantal inschrijvingen die hij verwacht.
      Een inschrijver kan dus een andere prijs/kwaliteit verhouding gebruiken wanneer hij 3 inschrijvers verwacht dan wanneer hij 4 inschrijvers verwacht.

      Een oplettende inschrijver kan aan de hand van het bestek, kennis van de markt, ervaring, etc. een redelijk inschatting maken over hoeveel inschrijvers er mee zullen doen. Een inschrijver hoeft dus niet samen te spannen met concurrenten of een aanbestedende dienst op te lichten.

      Ik ben overigens een voorstander voor het afschaffen van de relatieve beoordelingsmethodiek!

      • Hans Kuiper | 10-06-2017 om 20:14

        Beste Anoniem, (wat jammer dat je anoniem reageert)
        Ik reageerde op wat ik las onder het kopje “Ruimte voor manipulatie”. Ook in de tekst onder het kopje wordt het woord manipulatie gebruikt. Daarvoor bieden de spelregels geen ruimte.
        Inschrijvers verklaren in Model-K dat de inschrijving niet is beïnvloed door een onrechtmatige mededingingsafspraak gemaakt met concurrenten. Als zij dat toch doen is dat ontoelaatbaar. Telgen pleit voortdurend voor absolute gunningsmethodieken, en noemt daarbij het voorkomen van manipulatie ook als argument. Daarbij doelt Telgen echt niet op het voorkomen van het goed inschatten van de eigen positie van elke inschrijver, maar op samenspanning.
        Natuurlijk mag elke inschrijver zijn prijs bepalen na een inschatting van wat de anderen zullen doen. Dat is goed koopmanschap.
        Dat gedrag vereist oplettendheid van de aanbesteder, want er dreigt een valkuil als b.v. een te hoog gewicht voor kwaliteit tot prijsopdrijving kan leiden.

  • Paul Jacobs | 31-05-2017 om 12:42

    Een terechte oproep! In mijn ogen vaak het zwakste punt in de bestekken die ik als tendermanager voorbij zie komen. Ik wil de inkopers aanraden de gekozen methode van te voren te simuleren, vaak zie je dan al vlot wat er mis gaat. Dat raakt dan nog niet eens de pijnpunten die Manunza en Telgen noemen. Een verkeerd gekozen Q in een prijzensheet kan de hele aanbesteding doen mislukken. Het zou ook mooi (en passend) zijn al inschrijvers een meer uitgebreide motivatie ontvangen bij afwijzing. Ik wil de aanbestedende diensten niet de kost geven die enkel de scores geven, dus zonder verdere toelichting. Ik schat in dat wij als inschrijver in minder dan 10% van de aanbestedingen een passende (dat is uitgebreid, leerzaam en vertrouwenwekkend) motivatie ontvangen. Er is nog veel werk aan de winkel dus. Maar laat ik positief afsluiten, het gaat in dit opzicht wel de goede kant op.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.