Inloggen
Login met InkopersCafé account Account aanmaken

Premium logo's

Premium logo's

Premium partners

Sidebar premium

Sidebar premium

Gold partners

Sidebar gold

Sidebar gold

Silver partners

Sidebar silver

Sidebar silver
06
11
18
Jon Jonoski
1 Star2 Stars3 Stars4 Stars5 Stars
1
Door Jon Jonoski
Dossier: Overheidaanbesteding
Soort: ,

Keuze inkoopmodel sociaal domein is politiek standpunt

Keuze inkoopmodel sociaal domein is politiek standpunt

“Gemeenten die voor het inkopen in het sociaal domein kiezen voor een open house model, maken daarmee duidelijk dat ze zelf aan het stuur willen zitten. Dat is een politieke keuze. Net zoals het een politiek besluit is om het sociaal domein bij één aanbieder neer te leggen.” Zo stelt advocaat Tim Robbe, bij het debat over (aanbesteden in) het sociaal domein tijdens de Nevi Ledendag. Dit lijkt vanzelfsprekend, maar in hoeverre beseffen gemeenten dit? En hoe kunnen zij politieke idealen naar de praktijk vertalen om het sociaal domein verder te ontwikkelen?

Marco van der Spek, inkoopstrateeg bij Regio Gooi en Vechtstreek, stelt dat gemeenten zich moeten realiseren dat zij verantwoordelijk zijn voor de kwaliteit van zorg en de verdeling van schaarse middelen. Volgens hem zouden hun keuzes daar gedreven door moeten worden, maar gebeurt dat te weinig. “Steeds vaker kiezen gemeenten vanuit het verkeerde perspectief. Gezien de grote tekorten is het begrijpelijk dat kostenbeheersing nu de hoofdtoon voert, maar we vergeten zo wel waar het om gaat. Beheersing is mooi, maar het draait om goede zorg voor de mensen.”

Kennisgebrek
Volgens emeritus hoogleraar Jan Telgen, nu directeur van het Public Procurement Research Centre (PPRC) speelt kennisgebrek een grote rol bij de keuzes van veel gemeenten. Hij stelt dat manier waarop het sociaal domein wordt ingericht en de manier waarop wordt ingekocht twee volstrekt verschillende zaken zijn. “Er zijn verschillende mogelijkheden om het sociaal domein in te richten en verschillende inkoopprocedures die gevolgd kunnen worden. Het volgen van een bepaalde inkoopprocedure zegt niets over de inrichting van het sociaal domein en vice versa. Gemeenten kunnen volop experimenteren met de mogelijkheden die ze hebben, maar hoeveel hebben hier echt over nagedacht? In de praktijk zie ik dat dat heel mager is.”

Keuzevrijheid
Uit een recent onderzoek van het PPRC is gebleken dat slechts 5% van de overheidsopdrachten die nu aanbesteed wordt, onderworpen is aan de regels van de aanbestedingswet. Volgens van der Spek is dit zorgelijk. “De aanbestedingswet kan beperkend zijn, maar de doelstellingen van de wet zijn helemaal niet verkeerd. Nu gaat iedereen zich focussen op open house, omdat dit meer keuzevrijheid geeft. Daar was het alleen niet voor bedoeld. Het was bedoeld om innovatie en ondernemerschap te stimuleren en om beter de juiste zorg bij de juiste mensen te krijgen. Het moet niet draaien om het omzeilen van regels, maar om goede dingen doen.”

Zelfregie
Ook andere keuzes worden volgens van der Spek gemaakt om verkeerde redenen. Zo zouden gemeenten vaak voor één zorgaanbieder kiezen, omdat ze overtuigd zijn dat de bewuste aanbieder alles aankan. “In het sociaal domein is er echter niemand die alles kan.” Robbe identificeert nog een kwestie die gemeenten onderschatten bij de keuze voor één aanbieder. “De bezwaren dat zorgontvangers te weinig zelfregie hebben bij dit model zijn bekend. Vergeten wordt dat dat de zelfregie van de zorgverleners, die eveneens inwoners zijn van de gemeente, ook van belang is. Wanneer zij hun vak willen uitvoeren worden zij verplicht om met een bepaalde aanbieder samen te werken, ook al hebben ze misschien meer vertrouwen in de methodes van een andere aanbieder.”

Bestuurskundig inkopen
Robbe stelt dat ook inkopers in het sociaal domein moeten beseffen dat zij zich in een politieke context bevinden. “Dat betekent dat ze niet bedrijfskundig, maar bestuurskundig moeten gaan inkopen. Het model van Weele werkt niet bij de gemeente. Nadat je gespecificeerd en geselecteerd hebt, gaat de wethouder naar een congres en besluit dan iets anders te willen. Daarna moet je weer terug naar het begin, en wanneer je dan uitkomt bij contracteren blijkt dat de bevolkingssamenstelling dusdanig is veranderd dat er eigenlijk net iets anders nodig is dan wat je hebt gecontracteerd.”

Matrix van Kraljic
Hetzelfde geldt volgens Robbe voor het gebruik van de Kraljic-matrix. Deze “wordt steeds vaker gebruikt in het sociaal domein voor het formuleren van de inkoopstrategie. De linker-as van de matrix is echter gebaseerd op de winst van de onderneming. In deze context heeft dat dus weinig zin, want gemeenten maken geen winst. Wanneer inkopers al een soortgelijke matrix willen gebruiken moet er op de y-as iets als politiek-maatschappelijke impact staan, In elk geval moet er een vertaalslag worden doorgevoerd van de traditionele inkoper naar de inkoper in het sociaal domein.”

Jon Jonoski
Door Jon Jonoski
Jon Jonoski is een enthousiaste journalist die zich graag verdiept in de wereld van inkoop en aanbestedingen.

Reacties:

  • Wido Bijlmakers (inkoper, voorheen beleidsadviseur sociaal domein) | 09-11-2018 om 16:31

    Titel schuurt een beetje Jon, en ja … ik was aanwezig bij deze sessie op de Nevi-ledendag.
    Op basis van doelen die ik ophaal en een aantal grondige analyses (met aandacht voor politieke dynamiek) kom ik als inkoper met voorstellen voor een passende strategie/inkoopmodel. De diensten binnen het sociaal domein zijn vrij divers en gebaat bij diversiteit in de procesgang om ze beschikbaar te krijgen. Er is geen sprake van eenheidsworst(jes), die je via 1 inkoopmodel inkoopt. Ik zelf vond ook de insteek van John Weinstock (ook deelnemer aan deze paneldiscussie) positief prikkelen omdat hij gemeenten opriep aan de slag te gaan met analyses die nodig zijn voor het bepalen van passende (inkoop)strategieën.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.