Inloggen
Login met InkopersCafé account Account aanmaken

Premium logo's

Premium logo's

Premium partners

Sidebar premium

Sidebar premium

Gold partners

Sidebar gold

Sidebar gold

Silver partners

Sidebar silver

Sidebar silver
15
02
Nancy van Bemmel
1 Star2 Stars3 Stars4 Stars5 Stars
Door Nancy van Bemmel
Categorie: Aanbesteden
Soort: ,

Schiet decentralisatie sociaal domein zijn doelen voorbij?

Schiet decentralisatie sociaal domein zijn doelen voorbij?

“In de krant stonden twee artikelen. Op de ene pagina werd Rijkswaterstaat de hemel in geprezen. Bij de aanbesteding van een brug had Rijkswaterstaat namelijk een flinke besparing weten te realiseren. Veel lof. Op de andere pagina stond een bericht over gemeenten die minder aan WMO hadden uitgegeven dan het budget. Dat was een grove schande. Er was geld voor zorg op de plank blijven liggen”, zo luidt de anekdote van Niels Uenk, onderzoeker bij de Universiteit Twente, Universiteit Utrecht en het Public Procurement Research Centre.

“Het is in de politiek lastig om te zeggen: we gaan een bezuinigingsslag in de zorg doorvoeren. Dus heeft het kabinet, bij de transitie van WMO-taken en Jeugdhulp naar gemeenten, de nadruk op inhoudelijke doelstellingen gelegd. Ik betwijfel echter of deze doelstellingen al voldoende aandacht krijgen.”

Doelstellingen
De transitie van de WMO-taken en Jeugdhulp in 2015 naar gemeenten ging gepaard met inhoudelijke doelstellingen. De decentralisaties zouden gemeenten in staat moeten stellen om één integraal en samenhangend beleid te voeren. Met de slagzin ‘één gezin, één plan, één regisseur’ wordt dit uitgangspunt uitgedragen. Verder beoogt het kabinet een verschuiving van tweede- naar eerstelijnszorg en van eerstelijnszorg naar algemene voorzieningen en preventie. Tot slot is het doel om ondersteuning te bieden aan mensen die niet meer kunnen participeren in de samenleving, maar ook het versterken van de eigen verantwoordelijkheid en redzaamheid van burgers. Tegelijkertijd wil het kabinet ook besparen.

Weinig coherentie
“Deze doelstellingen vergen ook inhoudelijk een andere manier van inkopen. Dat werd in 2015 nog maar mondjesmaat toegepast. Gemeenten zijn nu voor praktisch het hele sociaal domein verantwoordelijk. Dat maakt dat deze vormen van ondersteuning in principe ook goed op elkaar afgestemd zouden kunnen worden. Ik zie echter dat er nog erg weinig coherentie zit in de manier waarop gemeenten zorgaanbieders contracteren. Je hebt nog steeds verschillende zorgvormen en vormen van inkoop en financiering naast elkaar, waardoor er nog weinig afgestemd wordt en de integraliteit ontbreekt. Daar moeten gemeenten nog wel een slag slaan.”

Samenwerkende gemeenten
Bijna alle gemeenten (93 procent) werken samen bij de inkoop van WMO-voorzieningen. Deze samenwerkingen bevorderen niet in alle gevallen het beoogde individuele maatwerk. “Uit mijn onderzoek blijkt dat hoe groter de samenwerkingsverbanden zijn, hoe meer de inkoopsystematiek lijkt op wat voor 2015 de gangbare norm was. Als je met twintig gemeenten samenwerkt, moet je het met twintig gemeenten eens worden over een manier van inkopen. Dat blijkt voor veel gemeenten in de praktijk toch erg lastig. Met als gevolg dat sommige grotere samenwerkingsverbanden nu uit elkaar vallen. Kleinere samenwerkingsverbanden, van minder dan vijf gemeenten, zijn daarentegen (gemiddeld) succesvoller.”

Administratieve lasten
Is samenwerken überhaupt wel aan te raden? “Ja”, reageert de onderzoeker resoluut. “Er zitten veel voordelen aan samen inkopen. Je deelt namelijk toch de kennis en inspanningen van een aanbestedingstraject. En wat misschien nog wel belangrijker is: de administratieve lasten voor de zorgverleners worden ook wat verlicht – of eigenlijk niet nóg meer verzwaard. Voor de nieuwe WMO-taken werden in 2015 zo’n 90 aanbestedingen voor 393 gemeenten georganiseerd. Dus gemiddeld een kleine 4 gemeenten per aanbesteding. Als die gemeenten zelfstandig hadden ingekocht, dan waren zorgaanbieders niet met 90 aanbestedingen geconfronteerd, maar met 393. Nu zijn veel zorgaanbieders niet landelijk actief, maar een aantal wel. Die hebben grote moeite om op al die aanbestedingen in te schrijven. Dan gaat het niet alleen over de aanbesteding zelf, maar elke gemeente bedenkt ook zijn eigen systematiek, eigen administratie-procedure en eigen eisen. Dit heeft een ontzettend grote last meegebracht voor de zorgaanbieders. Vanuit het perspectief van administratieve lasten, is het dus wel wenselijk dat gemeenten zorg samen blijven inkopen. Er is echter wel een optimum in het aantal samenwerkende gemeenten. Je moet toch dezelfde visie en uitgangspunten hebben op het gebied van zorginkoop.”

Te lage tarieven
Eind 2017 schreef Binnenlands Bestuur dat steeds meer zorgaanbieders zich terugtrekken uit zorgaanbestedingen of hun aanbod verlagen. De boodschap: de tarieven die de gemeenten vergoedt zijn te laag, waardoor de kwaliteit van zorg niet meer kan worden gegarandeerd en de werkdruk voor de medewerkers te hoog oploopt. Ondermijnt de besparing van het kabinet de kwalitatieve doelstellingen? Uenk: “Gemeenten zitten inderdaad in de knel tussen de middelen van de overheid en de verantwoordelijkheden van het sociaal domein. In 2015 maakten gemeenten het budget dat zij kregen leidend. Daardoor traden er grote verschillen op. Variërend van 40 euro tot 55 euro voor een uur begeleiding. Als je als zorgaanbieder dus in twee gemeenten werkzaam was, kon het zomaar zijn dat je bij de ene gemeenten 15 euro per uur meer betaald kreeg dan bij de andere gemeente.”

Budgetoverschrijdingen
“Over de vergoedingen zijn een aantal rechtszaken geweest en door de invoering van een Algemene Maatregel van Bestuur is nu in de WMO bepaald dat het budget van de gemeente niet leidend mag zijn bij het vaststellen van de tarieven. De tarieven moeten kostendekkend zijn voor de zorgverlener. Dit maakt budgetoverschrijdingen bijna onvermijdelijk. In sommige zorgvormen leek er in 2015 nog wel wat ruimte in de tarieven te zitten, terwijl bij andere zorgvormen (met name de Huishoudelijke hulp en delen van de jeugdhulp) de bodem bereikt is. Waar ligt dat aan? Zit er teveel ruimte bij zorgaanbieders en moeten zij hun zaken beter organiseren? Of kan de gemeente een efficiëntieslag maken? Of is er simpelweg meer geld nodig om het kwaliteitsniveau overeind te houden?”, aldus Uenk.

Dit artikel is onderdeel van het dossier sociaal domein. Eerdere artikelen die in dit dossier verschenen zijn: Helft gemeenten borgt privacy binnen sociaal domein niet',  '32 gemeenten voor de rechter om jeugdzorg', 'Big bang in het sociaal domein' en 'Openhouse-methode populair voor inkoop sociaal domein'

Nancy van Bemmel
Door Nancy van Bemmel
Nancy van Bemmel is een gedreven journalist. Voor AanbestedingsCafe.nl zet ze zich graag in om inkopers snel van het allerlaatste nieuws te voorzien. Heeft u tips voor Nancy? U kunt haar mailen via: nancy@aanbestedings-cafe.nl

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.